• Het gaat over piraten ja, maar zelfs als je er bijna niks van weet kan je gewoon meedoen. Probeer het gewoon eens, ikzelf weet ook niks over die periodes, enkel dingen die ik toevallig heb gezien in POTC. (; En niemand zal je kwaad aankijken als je een klein foutje maakt door je personage bijv. een mobiel te laten pakken.
    Inspringen kan/mag altijd! We verzinnen er wel wat, geven je korte samenvatting en helpen je natuurlijk ook met in de RPG komen (;


    Lang geleden was er een kapitein, zo barbaars en zo harteloos, dat zelfs de stoerste mannen hem uit de weg gingen. Kapitein Olivier Dalton, hij had zijn eigen schip, de Medusa, en zijn eigen bemanning die hij als grof vuil behandelde, maar ze bleven, bang voor wat er zou gebeuren als ze vertrokken. Ze kregen bijna niks en als ze niet luisterden konden ze beter maken dat ze wegkwamen, want Olivier stond bekend om zijn gruwelijke straffen. Zweepslagen, kielhalen, laten vechten om leven en dood tegen een ander bemanningslid voor zijn vermaak, ze voor schut zetten door ze op te dragen vrouwenkleren aan te trekken en dergelijke. Cameron Sand, kapitein van de Posideon's Mermaid kon hem niet uitstaan, was ziedend van jaloezie en ze werden rivalen. Nooit gingen ze elkaar uit de weg, gingen juist altijd de strijd met elkaar aan, toch won er nooit iemand. Op een dag veranderde alles, Olivier zag wat hij aanrichtte met zijn harteloosheid. Huilende vrouwen die hun kleine kinderen probeerde te sussen, de stoerste mannen die hem smeekte om genade. Van de een op de andere dag zag hij het in, het achtervolgde hem in zijn slaap, maar hij dacht dat het wel weg zou gaan, het schuldgevoel. Het nare gevoel bleef, de nachtmerries gingen niet weg dus nam hij een noodzakelijk besluit. Hij stuurde zijn bemanning weg, vastberaden een nieuwe start te maken, hij liet zijn aartsrivaal achter. Er was één ding dat hij niet achter liet, hetgeen wat wel tegen zijn barbaarsheid kon en hem niet zou laten vallen, zijn schip de Medusa. Hij zocht een nieuwe bemanning en was milder dan ooit te voren, misschien zelfs té soft.

    Hij ontdekte dat een van zijn bemanningsleden geen man was, maar een vrouw. Hij liet haar blijven. Niet veel later werd hij verliefd op haar, maar het was niet wederzijds, toch bleef hij vriendelijk. De vrouw van zijn dromen werd verliefd op een ander, liet hem in de kou staan en vanaf dat moment kwamen zijn slechte kanten weer omhoog. Hij werd jaloers en verbande de man waar ze verliefd op was van het schip en het deed hem niks toen hij zag hoe stuk zij daar van was. Later kwam de man, door wat je een wonder kan noemen, toch weer aan boord. Olivier liet hem deze keer toch blijven, maar hij was niet meer zo aardig als hij geweest was. Zelfs tegen de vrouw waar hij verliefd op was geweest deed hij vreselijk, hij was weer net zoals vroeger. Snauwde zijn bemanning af, was weer een echte piraat en kende geen genade meer.

    Nu, met zijn nieuwe bemanning en weer zijn oude karakter terug, is hij op zoek naar een schat. Hij weet niet precies wat het is of hoe het eruit ziet, maar het blijkt geweldig te zijn en te liggen op een onbewoond, geheimzinnig eiland midden in de oceaan. Hij is vastberaden de schat te vinden, zijn aartsrivaal Cameron Sand voor te zijn. Toch zijn er kleine dingen die hij over het hoofd ziet.
    Hij gaat er namelijk niet vanuit dat er toch een volk blijkt te wonen op het eiland, verwacht niet dat er een verrader in zijn bemanning zit en dat zijn aartsrivaal het juiste moment om toe te slaan afwacht.


    De verhaallijn in het kort.
    Het gaat over de bemanningsleden en kapitein van de Medusa die op zoek zijn naar een schat. Eén van de bemanningsleden is een verrader (Tristan Wright) in dienst van aartsrivaal Cameron Sand, hij houdt zijn opdrachtgever op de hoogte met een postduif, stuurt hem berichten over de koers en informatie over wat er gaande is op de Medusa. Als ze eenmaal op het eiland aankomen, waarvan ze dachten dat het onbewoond zou zijn, blijkt hun een verrassing te wachten. Er woont een vreemd volk dat hun niet vertrouwd, de bemanningsleden moeten hun vertrouwen zien te winnen, maar hoe gaan ze dat doen als blijkt dat Cameron Sand, samen met zijn bemanning, al eerder op het eiland is aangekomen en het vreemde volk al helemaal voor zich gewonnen heeft?

    Lijstje
    Volledige naam:
    Leeftijd:
    Uiterlijk:
    Innerlijk:
    Rol+rang: (Bemanning Medusa, kok. Avaloniër, krijger etc.)
    Extra:
    (Je mag er zelf dingen bij verzinnen zoals verleden enzo)

    Persones (Als je vragen hebt hierover, stel ze dan gerust)
    Bemanning Medusa:
    Kapitein Medusa: Vluuv – Olivir Dalton – 24
    Endure – Abby (Abigail Rosaline Valence) – 19
    Leave - Genesis Elisabeth Thrown - 20 (ontvoerd door Ace)
    Capitivity - Helena Vylore - 20

    Sid - Natambu Mmba - 25
    MoonyLove - William Davis - 18
    C18 - Ace Franklin Johnson -24

    GoogleIt - Ticimo Carabét - 26

    Bemanning Poseindon's Mermaid:
    Kapitein: C18 - Sygmund Yakov Engel - 28
    Verrader: Sid – Tristan Wright – 22
    Sid - Leopold Smiths - 24
    Vluuv - Bee - 19
    Fae - Mallory Farrah Pierce - 19

    Maitresse - Andrew Kelvin Ronalds - 23

    De Aveloniërs:
    Stamhoofd: Zoeken we nog! (eigenlijk weer --'')
    Zusje stamhoofd: Endure - Ayiana Kateri Chestio - 21
    MoonyLove - Katy Griffin - 14
    Leave - Nivera Izil Mazi - 19

    SomeMusic - Zoltan Donovan Osweld - 27[/q]
    Maitresse - Nawizi Ceta - 17
    MustacheMe - Phani Cinta Carabét - 11

    'Regels'
    Ik wil niet echt regels opgeven, maar heb liever wel dat jullie je hieraan houden of het onthouden.

    - Doe alsjeblieft je best om een redelijk stukje neer te zetten, dus niet 1 regel en dan denken ‘klaar’. Mocht je geen inspiratie hebben voor langer stuk, meld het dan gewoon. En nee, je hoeft niet 800 woorden te schrijven, zelf niet als anderen dat wel doen, maar 5 regels moeten je vast wel lukken.
    - Wil je je personage kwijt of stoppen? Zeg het dan, dan brengen we je personage even om het leven :P
    - De meesten vinden het niet prettig als je beslist wat hun personages doen, dus vraag het voor de zekerheid of ze het erg vinden of niet.
    - Je hoeft echt niet elke dag meteen te reageren op elke post, maar wacht alsjeblieft niet een week met posten. Ga je weg? Meld het dan en stuur je personage even op pad, laat hem/haar bijvoorbeeld verdwalen in de rimboe.
    - Houd je alsjeblieft aan de verhaallijn en als je een ‘speciaal’ personage wilt, vraag het dan even, ik sta open voor interessante personages die het verhaal leuker maken.
    - Don’t be scared. Stuur je personage gewoon op anderen af, bekijk desnoods de RPG Handleiding site voor tips. Weet je nog steeds niks? PB mij of een ander dan om te vragen waar zijn personage is en of die naar jouw personage kan gaan.
    - Verhaal kwijt? Stop dan niet zomaar zonder wat te melden, maar vraag waar de rest is of om een kleine samenvatting.
    - Er zijn een hoop personages nodig, maak er gerust meer en je kan ook voor niet bestaande personages schrijven natuurlijk! En kijk ook een beetje welke 'groep' nog weinig personages heeft en dergelijke!

    Nogmaals; Niet echt regels, maar meer dingen om jullie aan te herinneren [;

    [ bericht aangepast op 1 feb 2012 - 19:01 ]


    In the end the only person we love is ourselves, that's why we choose to love someone who can please us the most.

    Haha, geniaal stukje, maar ik bedoelde eigenlijk Aiyana, Simone had dat namelijk voorgesteld en het leek me best wel grappig c: Dat had ik misschien duidelijker moeten zeggen x)

    Lol, ik lig nu wel in een deuk om Sygmunds reactie _O_

    Ooh, dat Ayiana daar zit te baden?
    If so, dan pas ik 'm aan 8'DD


    No growth of the heart is ever a waste

    Uh-huh, inderdaad c:
    Hehe, als je dat wilt doen, graag! ^-^

    Lol, aangepast. Heb Sygmund nog iets meer in verlegenheid laten brengen _O_.


    No growth of the heart is ever a waste

    Haha nice, even lezen :Y)
    Lol, deze post is nog genialer dan de vorige x'D
    Mijn post komt eraan [:

    [ bericht aangepast op 30 jan 2012 - 11:40 ]


    In the end the only person we love is ourselves, that's why we choose to love someone who can please us the most.

    Ohja, ik ben ook maar weer overgestapt naar de ik-vorm :A

    Aiyana Kateri Chestio
    Een vrouwenstem doet me mijn ogen op doen en ik zie vrijwel meteen waar de stem vandaan komt. Aan de kant staat een jonge, blonde vrouw en ik ga rechtop staan in het water dat nu tot mijn middel komt. Wie is dat? Ze heeft een blanke huid net zoals de mannen -en vrouwen- van Sygmund, maar toch ken ik haar niet. Plots komt Sygmund tussen de bomen door tevoorschijn met een mes in zijn handen en mijn wenkbrauw schiet omhoog. Ik wil net vragen wat hij van plan is als ik plots zie hoe zijn wangen langzaam een kleur krijgen en hij haast struikelt terwijl hij naar achteren stapt. Een geamuseerde grijns siert mijn gezicht en ik de gedachte dat de blanken waarschijnlijk preutser zijn dan ikzelf schiet me te binnen. Ik schaam me niet voor mijzelf en evenmin voor mijn lichaam, we zijn immers allemaal hetzelfde in mijn ogen. Ik slaag er niet in een zacht lachje te onderdrukken bij het zien van Sygmund's stuntelige gedrag dat zich voor mijn neus afspeelt. Het is een hele opluchting even te kunnen lachen na de frustraties en spanning en ergens ben ik het tweetal daar wel dankbaar voor.
    "Josephine hier zocht een plaatsje om te baden. Mijn excuses, ik zal u niet meer lastigvallen," brengt Sygmund uiteindelijk uit, het feit dat hij me met u aanspreekt besluit ik voor een keer te negeren en in plaats daarvan laat ik mijn blik weer naar de jonge vrouw gaan die blijkbaar Josephine heet. Ik neem mijn haren beet in een staart en wringt het water eruit voordat ik de kant opstap. Zwijgend hijs ik mezelf weer in mijn kleding en fatsoeneer mijn haar. Nadat ik mijn pijlkoker weer op mijn rug gehangen heb en mijn boog weer op mijn schouder richt ik me weer op Sygmund met de hoop dat hij beter aanspreekbaar is nu ik mijn kleding weer aan heb. "Sygmund, hoort ze bij jou? Ze is blank, net als jouw mensen, alleen ik ken haar niet." Ik strijk een vochtige lok haar achter mijn oor en kijk dan Josephine aan. "Je heet dus Josephine.. Waar kom je vandaan en wat kom je hier doen?" vraag ik haar op mijn hoede. Misschien was ze een spion van Oliver, waarvan ik overigens nog steeds niet zeker wist of hij echt gevaarlijk was zoals Sygmund me verteld had. Waarschijnlijk wilt zenet zoals Sygmund en zijn mensen verblijven in ons dorp, geen haar aan mijn hoofd die daaraan denkt. Het eten komt niet uit de lucht vallen en met Sygmunds mannen hebben we al veel meer monden te voeden dan normaal, al hoewel.. Misschien kan ze van pas komen. "Josephine, ben je vaardig in iets? Weet je welke planten er eetbaar zijn en welke niet, kan je misschien koken of heb je verstand van medicijnen en wonden genezen? Want als dat het geval is zal ik overwegen je te laten verblijven," vertel ik haar. Iemand die verstand heeft van medicijnen en wonden behandelen zou erg van pas komen, vooral met de strijd in het vooruitzicht. Een druppel water die over mijn voorhoofd glijdt leid me af en ik veeg hem met de rug van mijn hand weg.


    In the end the only person we love is ourselves, that's why we choose to love someone who can please us the most.

    Josephine Bellafonte
    Terwijl ik ongemakkelijk met mijn rug naar de naakte vrouw toe blijft staan zie ik Sygmunds ogen groter worden. Hij is duidelijk net zo verbaasd als ik was, maar doet er iets langer over om weer in beweging te komen. Ik voel iets van minachting als ik zie hoe lang hij naar de vrouw blijft staren, maar kan het wel begrijpen. Hij is en blijft immers een man en die reageren op dit soort dingen wat heviger dan vrouwen. Terwijl hij over zijn eigen benen lijkt te struikelen wacht ik geduldig tot hij zichzelf weer bij elkaar geraapt heeft, maar dan pakt hij me plots vast. Niet bij mijn schouders, of handen, of desnoods middel- Bij mijn boezem. Mijn ogen schieten open en gechoqueerd kijk ik Symund aan, die langzaam zijn hoofd omdraait en haast even geschrokken lijkt als ik zelf. "Hoe durft u?" spuw ik vol ingehouden woede naar hem uit. Hij stamelt een verontschuldiging, laat me los en zet een paar stappen terug, met zijn blik nu op Aiyana gericht, die net bezig is zich in haar kleren te hijsen. Vlug wend ik mijn blik weer af als ik zie dat ze daar nog niet klaar mee is. Ik sla mijn armen over elkaar en kijk gepikeerd naar het water van het meer. Waarom moet alles nou zo onhandig gaan? Waarom kon ik niet gewoon bij Ace uitkomen? Waar ben ik in de eerste plaats weggegaan van de Medusa. Ik frons en wrijf in mijn ogen. Ze voelen droog en pijnlijk en tranen een beetje. Ik voel me slecht en al dit gedoe maakt het er niet beter op. Uiteindelijk is het Sygmund die de stilte weer verbreekt. Ik hoor hoe informeel hij me adresseert en kijk hem met op elkaar geklemde lippen aan. Zulk amicaal gedrag is ontzettend ongepast gezien de omstandigheden en het feit dat hij me nauwelijks kent. Al had ik natuurlijk niet te veel moeten verwachten van dit volk; het zou me verbazen als ze weten dat etiquette iets anders is dan een papiertje dat je op een potje plakt om de inhoud aan te geven. Ik trek mijn wenkbrauw op als de inboorling in het Engels begint te praten, al is het met een vreemd accent. Ik had niet verwacht dat ze onze taal zou beheersen, dat valt me mee. Het ergert me echter wel dat ze tegen Sygmund spreekt alsof ik er niet bij sta, en mij negeert. Ik snuif geïrriteerd als ze zich plotseling tot mij richt. "Je heet dus Josephine.. Waar kom je vandaan en wat kom je hier doen?" Ik bijt op mijn lip. Ook zij praat al zo informeel.. Had ik dan misschien mijn verwachtingen te hoog gespannen? Ik heb het hier immers over een wilde en een piraat. Maar Ace is ook een piraat.. Bij de herinnering aan Ace speelt er een flauw gevoel van geluk op. Ace is anders.. hij is beter. "De naam is Josephine Bellafonte. Ik ben hier om naar iemand te zoeken, waarvan ik heb gehoord dat hij zich op het eiland bevindt." Het blijft even stil, dan vraagt ze me naar mijn talenten. Bij haar opsomming van mogelijke vaardigheden voel ik hoe mijn wangen rood kleuren. Ik kan geen van die dingen; daar hebben we bedienden voor. Als ze klaar is voel ik me een stuk minder boos, en eerder ietwat onzeker. Deze vrouw mag dan misschien geen manieren hebben, ze is vast een stuk vaardiger dan ik, en als ik haar goed begrepen heb zal ze me alleen laten blijven als ik van pas kan komen. "Wel.. Ik kan lezen en schrijven, ik kan piano en een beetje fluit spelen, ik kan borduren en paardrijden..." Mijn stem sterft weg en ongemakkelijk kijk ik de vrouw, wiens naam ik nog steeds niet weet, aan. In minder dan een paar seconden is de verhevenheid die ik boven haar voelde helemaal weggevaagd, en ik voel me rond uit belachelijk.

    Captain Oliver Dalton - Captain Medusa
    "Wat kan ik voor je doen, Captain Dalton?" Ik kijk om naar Asilah en glimlach naar haar. Ze heeft me kostbare informatie gebracht en daar ben ik dankbaar voor, al zal ik die dank niet uiten. Niet met meer dan een glimlachje, in ieder geval. "Voor nu niet veel. We wachten eerst tot Ace de Medusa heeft teruggebracht, die kunnen we dan misschien op een meer strategische plek verankeren, en dan trekken we het eiland in." Ik kijk weer naar de zee en tuur bedachtzaam naar de horizon. Is het toeval dat Sygmund en ik elkaar hier treffen? Is het een val? Weet Sygmund van mijn aanwezigheid? Het zijn allemaal vragen die van enorm belang zijn voor mijn volgende besluiten, maar ik heb op geen enkele antwoord. Na een paar minuten piekerend voor me uit te hebben gekeken kijk ik op. "Waar blijft hij?" mompel ik. Zo lang duurt het toch niet om een schip te verplaatsen. Nog even blijf ik staan, maar dan wend ik me tot Asilah. "Asilah, ga kijken waar Ace blijft. Misschien heeft hij problemen het schip tussen de klippen door te manoeuvreren en aangezien jij een prima stuurvrouw bent kun je hem daar bij helpen. En als hij op welke manier dan ook mijn orders in de wind heeft geslagen.. Sluit hem dan voor zolang op in de cellen, dan besluit ik later wel wat we met hem doen."

    Ik zit hier met zo'n grijns achter de pc dat het verdacht wordt x'D.


    No growth of the heart is ever a waste

    Sygmund - Kapitein PM.

    'Hoe durft u!' schreeuwt Josephine Bellafonte kwaad. Even, heel even ben ik ervan overtuigd dat ze me een mep zal geven.
    'H-het spijt me echt. Ik ben niet gewend om-' Ja, om wat? Vrouwen aan te raken? Ik stop mijn zin ogenblikkelijk. 'Het is een misverstand, een groot misverstand. Geloof me alstublieft. Het was echt mijn bedoeling niet.' Het klinkt smekend, maar helaas niet goed genoeg. Ze kan me wel afmaken nu. Ogenblikkelijk neem ik meteen een gepaste afstand.
    Dan verschijnt Ayiana weer in het beeld, goddank aangekleed. Ik voel er weinig voor om weer zo rood als een tomaat te worden. Ik kan me in het verleden een situatie herinneren van een paar bemanningsleden, waarin ze me voordeden hoe je een vrouw moest versieren in een bar. Ik heb zitten grinniken en toegekeken hoe ze in hun bezopen toestand de situatie nog probeerden te redden en ben opgestaan. Op het moment dat ik op wilde staan en het café wilde verlaten, duwde een van die bemanninsleden een jonge vrouw in mijn armen, die mij - zoals verwacht - een flinke klap gaf. Ik had in een reflex de armen voor mijn lijf gehouden om te voorkomen dat ze tegen me aan viel, met het gevolg dat mijn handen weer op privégebied terecht kwamen. Sindsdien weet ik zeker dat er een vloek op me rust. Het is niet de eerste dergelijke situatie en - zoals blijkt - ook niet de laatste.
    "Sygmund, hoort ze bij jou? Ze is blank, net als jouw mensen, alleen ik ken haar niet." Het is Ayiana's stem. Ze lijkt er niet het minste punt van te maken dat ik haar niet lang geleden zonder kleding heb gezien. Oh verdomme Sygmund, haal dat beeld uit je hoofd.
    'Ja.. ja..' mompel ik zacht, niet helemaal aandacht bestedend aan de vraag.
    'Oh nee. Ze hoort niet bij mij. Ze eh, is op zoek naar ene Ace Johnson,' zeg ik.
    'En ze wil graag.. een bad nemen. Ik denk dat het verstandig is dat ik hier nu vertrek.' Het allerliefst wil ik deze hoogst onplezante situatie zo snel mogelijk vergeten en de mannen gereed laten maken voor de klim. Juffrouw Bellafonte zal nu niet alleen nooit meer in mijn buurt willen zijn, ze zal me ook verafschuwen. Fijn.
    Ergens voel ik een diepe jaloezie voor die Ace op borrelen. Hoe krijgt die man het voor elkaar? Ik ben 28 jaar en heb nog geen vrouw gekust, laat staan-
    Sygmund, hou die gedachten van je onder controle. Alsof ik geen belangrijker dingen te doen heb dan verrotten in zelfmedelijden.
    'Goed, ik ga weer naar het dorp. Juffrouw Bellafonte, ik neem aan dat u liever onder vrouwelijk gezelschap bent. Ayiana hier weet welke plekken geschikt zijn om te baden.' Ik zeg het met een verslagener toon dan de bedoeling was. Ik slaak een zucht en draai me om. Langzaam wandel ik weer terug naar het dorp.


    No growth of the heart is ever a waste

    Lol, sorry dat ze net pissig werd [a']
    Probeer me in te leven ik had zo'n indianen gedachten in mijn hoofd van :A
    Haha, dat is trouwens echt grappig om te mogen doen, denken vanuit indiaan perspectief.


    Aiyana Kateri Chestio
    Josephine verteld me dat ze Josephine Bellafonte heet, al zegt de naam me niet veel omdat ik de betekenis er ook niet van ken, en dat ze op zoek is naar iemand om het eiland. Ik vraag me af wie dat zou kunnen zijn, maar de die vraag wordt al gauw naar de achtergrond vervaagd als ze verteld wat ze wel kan. "Wel.. Ik kan lezen en schrijven, ik kan piano en een beetje fluit spelen, ik kan borduren en paardrijden..."
    Een moment kijk ik haar zwijgend aan, me afvragend wat piano spelen en borduren is, maar het zou mijn eer te boven gaan om te vragen wat het zou zijn, het klinkt immers niet zo belangrijk dat ik ook werkelijk moet weten wat het is. Hoe dan ook, in mijn ogen is ze dus zo goed als nutteloos. Ik hoop voor haar dat de Aveloniërs zo goedwillig zijn om haar iets bij te leren en dat ze snel dingen oppikt, anders ziet de toekomst er duister voor haar uit. "Wel," begin ik en terwijl ik de juiste woorden nog zoek geeft Sygmund antwoord op mijn eerder gestelde vraag.
    "Ze hoort niet bij jou?" vraag ik verbaasd en mijn wantrouwen stijgt weer, het feit dat ze niet bij Sygmund hoort geeft me geen enkele reden meer om haar te vertrouwen, al ziet ze er aardig hulpeloos en ongevaarlijk uit.
    "En ze wil graag.. een bad nemen. Ik denk dat het verstandig is dat ik hier nu vertrek," voegt Sygmund er nog aan toe. Dat was waar ook, het was me eerder al verteld dat ze hier kwam om te baden. Toch ik ben niet van plan te babysitten terwijl ik nog zat andere zaken te regelen heb, maar voordat ik er wat tegen in kan brengen begint Sygmund, na het slake van een zucht, al te lopen. "Hé, wacht eens!" Met een paar snelle passen sta ik voor hem en versper hem de weg. "Ik ken haar niet en heb geen enkele reden om haar te vertrouwen, nog mooier zelfs, ze ziet er vrij hulpeloos uit en ik ben niet van plan zomaar op iedereen die aan komt lopen te passen," maakte ik hem mijn mening duidelijk. "Maar," begon ik na een korte stilte, "ik zal haar het voordeel van een twijfel geven, mits jij straks mee gaat trainen. Het lijkt me handig te weten hoe jullie blanken vechten, vooral als het waar is dat die Oliver die er aankomt werkelijk zo gevaarlijk is als jij zegt. Ik kom je straks wel halen als ik zo ver ben." Ik had mijn voorstel omgebogen tot een bevel, aangezien ik dan ook de kans zou krijger meer te weten te komen over de vreemde wapens van de blanken. Ik kijk Sygmund nog kort aan en wil teruglopen, als ik plots blijf staan. "Oh ja, Sygmund," zeg ik en kijk hem van over mijn schouder aan, "rood kleurt je niet zo goed," grijns ik naar hem, doelend op zijn rood gekleurde wangen van een paar minuten eerder. Ik vervolgen mijn pad weer tot ik terug ben bij Josephine. "Goed, ik geef je het voordeel van een twijfel. Je mag blijven, kies een taak waarvan je denkt dat je het wel zou kunnen en zorg dat één van de dorpelingen, desnoods één van Sygmunds mannen of vrouwen, je daarin wilt lessen. We hebben al genoeg monden te voeden en het eten komt niet uit de lucht te vallen, dus ik denk dat je wel begrijpt waarom het belangrijk is dat je een steentje bijdraagt." Na mijn korte speech maak ik het mezelf gemakkelijk door op het zachte gras te gaan zitten. "Je kunt gaan baden terwijl ik de wacht houd, al moet je niet te afhankelijk worden van mij, als je wilt blijven moet je jezelf ook kunnen beschermen." Het voelde alsof ik een klein meisje toesprak, wat waarschijnlijk werd veroorzaakt omdat Josephine over evenveel vaardigheden als een klein meisje leek te beschikken. "Trouwens, wie is die Ace die je zoekt en waarom zoek je hem?" Mijn blik was nu op het gras gericht waar ik zacht met mijn vingers doorheen gleed, de natuur had altijd al vertrouwd gevoeld, ik was er immers middenin opgegroeid. Plots drong een zoetige, bekende geur mijn neusgaten binnen en ik keek opzij, en paar lengten van mijn vandaan zag ik een paar bloemen staan die de lucht bezwangerden met hun heerlijke geur. Het waren een van mijn lievelingsbloemen, want naast de heerlijke geur zagen ze er ook nog eens mooi uit. Ik kijk weer naar Josephine en vraag me af of ze nou werkelijk wilt dat ik me omdraai als zij gaat baden, we zijn immers allebei vrouwen, al heb ik zo'n vermoeden dat zij er nog weinig voor voelt om bloot te zijn in mijn nabijheid. Even haal ik minachtend mijn neus op, preutse, onhandige jonge vrouw dat ze is.


    In the end the only person we love is ourselves, that's why we choose to love someone who can please us the most.

    Sygmund - Kapitein PM.

    De doffe klanken in de aarde verraden dat er iemand achter me aan holt. In mijn korte tijd hier heb ik op de een of andere manier bepaalde geluiden gauw weten op te pikken. Misschien pas ik me hier dan toch aan.
    'He wacht eens!' hoor ik Ayiana's stem zeggen.
    "Ik ken haar niet en heb geen enkele reden om haar te vertrouwen, nog mooier zelfs, ze ziet er vrij hulpeloos uit en ik ben niet van plan zomaar op iedereen die aan komt lopen te passen. Maar, ik zal haar het voordeel van een twijfel geven, mits jij straks mee gaat trainen. Het lijkt me handig te weten hoe jullie blanken vechten, vooral als het waar is dat die Oliver die er aankomt werkelijk zo gevaarlijk is als jij zegt. Ik kom je straks wel halen als ik zo ver ben." Ik draai me een kwartslag van haar af, zodat ik zicht heb over een enorm dal dat uitmondt bij een strand, vele honderden meters lager. Het zal een enorme taak zijn om hierheen te klimmen.
    'Wij zijn bekend met Oliver Daltons manier van vechten, jullie niet. Daarom zijn wij beter in staat te kunnen inschatten hoe gevaarlijk hij is. Maar omdat zowel wij als hen in een voor ons onbekend terrein vechten, is het verstandig om juist van jullie te leren. De Kozakken zijn gespecialiseerd in gevechten met temperaturen van ver onder het vriespunt, terwijl eenvoudige mensen zoals jij en ik dood zullen vriezen, waarschijnlijk nog voor we naar een wapen hebben kunnen grijpen. Straatrovers kennen elk deel van de stad uit hun hoofd, weten exact waar ze een nietsvermoedende passant van zijn portemonnee moeten beroven en weer verdwijnen in een steegje. Om een lang verhaal kort te maken: elk gevechtsterrein vereist een karakteristieke manier van vechten. En jullie zijn experts als het op vechten in bossen aankomt, want dit is jullie leefgebied.'
    Ik draai me weer om naar Ayiana en glimlach dan.
    'Ik zie ernaar uit. En ik hoop voornamelijk van jullie te leren.' Ik draai me weer om en loop verder.
    "Oh ja, Sygmund," hoor ik Ayiana dan zeggen. "Rood kleurt je niet zo goed," voegt ze met een grijns toe. Ik glimlach waterig, weet goddank te voorkomen dat ik opnieuw begin te gloeien.
    'Ik had gevraagd om een middel tegen de zon, maar helaas was me dat niet gegeven,' zeg ik en loop dan verder. Ik graaf in mijn zak naar een sigaar. Gelukkig. Tijd voor wat ontspanning na al die opwinding. Ik schud glimlachend het hoofd terwijl ik word opgezogen door de omringende jungle. Volgens mij begrijpt Ayiana echt niet wat een vrouwenlichaam met mannen kan doen. En ik moet nodig een paar ballen gaan krijgen.


    No growth of the heart is ever a waste

    (Hahahaha, sorry hoor, maar ik vind Sygmund echt een geweldig grappig karakter hebben!)


    Quiet the mind, and the soul will speak.

    Josephine Bellafonte
    “H-het spijt me echt. Ik ben niet gewend om-“ Ik trek een wenkbrauw op en kijk Sygmund hooghartig en nog steeds boos aan, terwijl ik wacht tot hij zijn zin vervolgt. Dat doet hij niet, maar hij praat wel verder, al even stotterend en stamelend als eerder. “Het is een misverstand, een groot misverstand. Geloof me alstublieft. Het was echt mijn bedoeling niet.” Ik werp hem nog slechts één nijdige blik toe en kijk dan de andere kant op. Een misverstand.. Daar leek het anders absoluut niet op. Ik voel hoe ik rood word en sla mijn armen beschermend over elkaar op borsthoogte. Terwijl ik naar de ruisende bladeren van het bos kijk hoor ik Sygmund en de vrouw nog wat woorden wisselen, waarna hij vertrekt. Ik laat langzaam mijn ogen haar kant op glijden, zonder me te bewegen, maar zie dat ze hem snel achter na loopt. Zodra ze weg is laat ik me neerzakken op een grote rots die in de schaduw van de bomen staat. Ik zet mijn ellebogen op mijn knieën, laat mijn hoofd in mijn handen zakken en sluit mijn ogen. Vermoeid zucht ik en ik slik, in een poging mijn gortdroge keel weer wat te bevochtigen. Nu ik zit voel ik de vermoeidheid en tegenslagen als een golf over me heen spoelen. Misschien had ik gewoon thuis moeten blijven, Ace is hier immers toch niet. Het is allemaal voor niets geweest en nu zit ik met deze wilden opgescheept. Ik moet door de bergen trekken, ik kan mezelf niet eens wassen en wordt veracht door een of andere inboorling die waarschijnlijk niet eens kan lezen. Oja, en ik ben betast door een piratenkapitein. Ik kreun vermoeid en terwijl ik de voetstappen van de vrouw alweer aan hoor komen wrijf ik over mijn voorhoofd. Nog even doorzetten. Ik sta weer op en merk meteen dat er een pijnlijk gevoel door mijn voeten trekt. Niet verbazingwekkend- Ik ben immers al uren onderweg. Zodra de vrouw weer in zicht komt begint ze te praten en stil maar nog steeds chagrijnig hoor ik haar aan. Hoe durft ze me zo.. zo inferieur te behandelen. Ze zakt neer in het gras en kijkt even om. "Je kunt gaan baden terwijl ik de wacht houd, al moet je niet te afhankelijk worden van mij, als je wilt blijven moet je jezelf ook kunnen beschermen." Ik blijf even stil en kijk haar aan. “Maar.. Ik kan niet.. Ik ga niet-“ Geschokt kijk ik haar aan. Wil ze dat ik me uitkleedt, terwijl zij hier gewoon kan toekijken? Nooit. Nooit ofte nimmer. Dat mijn dienstmeiden me hielpen met het aantrekken van jurken kon ik wel hebben, maar dat is anders. Die werden er immers voor betaald, die kende ik, die waren te vertrouwen.. Maar dit.. deze vrouw, ik weet haar naam niet eens. Als ze die überhaupt heeft. Misschien doen die wilden wel niet aan namen. “Trouwens, wie is die Ace die je zoekt en waarom zoek je hem?” Mijn ogen, die naar de grond voor mijn voeten waren afgedwaald, schieten omhoog en ik kijk recht in de hare, die donker en mysterieus zijn, met een zachte groene glans. Heel anders dan mijn fletse, lichtblauwe ogen. “Hij is..” Ik slik, sla mijn armen weer over elkaar en kijk opzij, naar de bomen. “Ik denk dat ik.. dat hij..” Ik krijg de woorden “houden van” niet over mijn lippen en bijt op mijn lip. “Hij was speciaal. Ik zoek hem om te kijken of hij dat nog steeds is.” zeg ik uiteindelijk, iets zachter dan eerder. Ik zie dat de vrouw haar blik ondertussen al lang niet meer op mij gericht heeft, maar naar de planten kijkt. Uiteindelijk schraap ik mijn keel. “Zeg.. Het is heel attent van u dat u hier wil blijven om op me te letten, maar ik denk dat ik me wel red in mijn eentje. Ik verzoek u dus vriendelijk om te vertrekken, ik weet de weg nog wel terug te vinden. Als ik trouwens zo onbeleefd mag zijn.. ik weet nog steeds uw naam niet. Hoe heet u?”

    Captain Oliver Dalton - Captain Medusa
    "Wat kan ik voor je doen, Captain Dalton?" Ik kijk om naar Asilah en glimlach naar haar. Ze heeft me kostbare informatie gebracht en daar ben ik dankbaar voor, al zal ik die dank niet uiten. Niet met meer dan een glimlachje, in ieder geval. "Voor nu niet veel. We wachten eerst tot Ace de Medusa heeft teruggebracht, die kunnen we dan misschien op een meer strategische plek verankeren, en dan trekken we het eiland in." Ik kijk weer naar de zee en tuur bedachtzaam naar de horizon. Is het toeval dat Sygmund en ik elkaar hier treffen? Is het een val? Weet Sygmund van mijn aanwezigheid? Het zijn allemaal vragen die van enorm belang zijn voor mijn volgende besluiten, maar ik heb op geen enkele antwoord. Na een paar minuten piekerend voor me uit te hebben gekeken kijk ik op. "Waar blijft hij?" mompel ik. Zo lang duurt het toch niet om een schip te verplaatsen. Nog even blijf ik staan, maar dan wend ik me tot Asilah. "Asilah, ga kijken waar Ace blijft. Misschien heeft hij problemen het schip tussen de klippen door te manoeuvreren en aangezien jij een prima stuurvrouw bent kun je hem daar bij helpen. En als hij op welke manier dan ook mijn orders in de wind heeft geslagen.. Sluit hem dan voor zolang op in de cellen, dan besluit ik later wel wat we met hem doen."

    (Okee, ik vraag het even voordat ik reageer. Ik heb de posts van Ace niet gelezen... Iemand een update wat het beste is wat ik kan doen en wat hij op het moment doet? 8D)


    Quiet the mind, and the soul will speak.

    Hij is aan boord van Oliver's schip, in Oliver's hut, op Oliver's bed een uiltje aan het knappen :Y) De hele post staat op pagina 17 c: