Hoofdstuk 19
Later die avond sluit de trainingszaal. Rae, die weigert alleen te zijn met haar gedachten, besluit de boetes terug te kijken. Specifiek: de boete van Vier. Hun gesprek speelt telkens opnieuw af in haar hoofd - iets dat Rae niet kan plaatsen en waar ze zich mateloos aan ergert. Daarbij komen er telkens vragen op. De makkelijkste: hoe heet Vier? Maar ook introspectieve dingen, nogmaals iets waar Rae enkel ongemak bij kan voelen. Waarom kon ze zo snel toch dichtbij komen? Hoezo laat Rae haar zorgvuldig opgebouwde muren vallen als een - laten we wel wezen - moordlustige tiener ook maar een greintje interesse toont? Zou het zo kunnen zijn dat Vier wel meevalt?
Rae overtuigt zichzelf ervan dat het terugkijken van de boetes haar iets waardevols zal leren, en drukt op afspelen. Het meisje heet Megalodon, al verbetert ze zichzelf snel met een maar-zeg-maar-Meg.
Meg dus.
Ze lijkt sprekend op haar tante, die in beeld komt omdat zij blijkbaar eerder de Spelen heeft gewonnen. Naast de blonde meid in de herhalingsboete van tig jaar terug, staat een identieke blonde kop. Een tweeling, dus. Geen wonder dat Meg sprekend op haar tante lijkt; die is weer een kopie van haar moeder. Teveel kopieën in één familie als je het Rae vraagt. Verdacht. Over complexe familiedynamieken gesproken; de tante van Meg is nu zelfs haar mentor. Rae zou sowieso voor geen goud op familieuitje gaan, maar dit zou haar al helemaal een sub-optimale bestemming lijken.
Haar stomme gedachten zijn na het uitzetten van de boetes nog niet stil. Vier heet dus Meg.
Meg.
Rae valt vertwijfeld in slaap. Haar lichaam is haar dankbaar, na al dat trainen, maar haar geest voelt ruimte. Het neemt de aandacht die het die hele dag niet heeft gekregen.
Gegil. Hoger dan je ooit zou mogen verwachten van een mannelijk stel stembanden. Zeker op die leeftijd. De schreeuw valt soms weg - de oude stembanden kunnen niet alles hebben - maar klinkt in alles door, is in alles nog te zien. Het is raar wat pijn met mensen kan doen. Niet dat dat nieuw had moeten zijn voor Rae. Toch, deze gilt hard. Hij zal wel wat heel ergs hebben gedaan, het is maar goed dat zijn vingers-
Krak.
Hij krijst harder. Hoger. Onmenselijker. Hoger en schriller tot het geluid enkel te zien is, een wervelwind van licht, pijn en verderf waarin de man en Rae opgezogen worden. Het is alles, en niets. Het niets vormt zich terug naar een geluid. Een menselijk geluid; dat van een vrouw. Nee, niks meer dan een meisje, nog. We hebben haar eerder gezien, maar ze is jonger. Niet ouder dan dertien, misschien veertien. Ze is een zielig hoopje op de grond, bijna onherkenbaar. Haar lange bruine haren verbergen haar tranen, maar niet haar geschreeuw. Ze verbergen geen centimeter van haar ontblote rug, vol met kleine ronde brandwonden. Een sterrenstelsel van brandwonden. Een mozaïek van pijn. Boze, rode vlekjes voor een bang meisje. Hier en daar grijze vlokjes en zwarte vegen. Langzaam ontstaat er een reliëf van blaren terwijl de schilder maar toevoegingen blijft doen aan het canvas. Hoe lang zou Magnus al bezig zijn? De schreeuwende hitte die ze voelt, verlaat haar lichaam niet met de steeds harder wordende kreten die het meisje uitschreeuwt.
“Ach, kindje. Kan je dít al niet meer hebben? Na al dat paraderen had ik toch gedacht dat je je naam met meer trots zou dragen.” Spottend spreekt hij één woord in het Engels. “Ash-tray-a. Asbakje van me toch. Hoe leer je anders om te luisteren?”
Bezweet wordt Rae wakker. De tranen wuift ze weg als zweet. Tranen zijn zwak. Zweet is weg te wassen. Rae springt dan ook onder de douche. Het kost haar alle energie om haar handen niet open te slaan op de tegelwand. Het enige dat haar gaande houdt is het kunnen slaan van een boksbal als ze naar de trainingszaal mag. Dat, en haar plan voor de privésessie. Een goede knal zal zoveel oplossen. Ze kijkt aandachtig naar de tientallen knopjes op de douche, in de hoop dat ze er ééntje vindt met het chemische component dat ze zoekt. Niet dat die chemicaliën echt goed zijn voor je lichaam, maar hardnekkige vlekken halen ze wek weg. Misschien is het Capitool op alles voorbereid. Rae wordt er voor nu alleen niet wijzer van, wat haar bozer maakt. Ze vertrekt naar het ontbijt.
Het ontbijt is stil - Bolt, Maxine, Renwa en Rae zitten aan een goed gevulde tafel, maar niemand zegt een woord. Ook niet over Electra, die weer afwezig is. Iedereen lijkt het, voor nu, opgegeven te hebben wat betreft sfeer in de ochtend. Het lontje van Rae is exponentieel korter in de vroege uurtjes. Zeker na deze nacht. Ze probeert minder te knipperen, om te vermijden wat ze kan zien als haar ogen dicht zijn.
Bolt vraagt kort wat Rae gisteren heeft geoefend, en als Rae antwoordt (snauwt) wat ze heeft gedaan (samengevat: vrijwel alles), is hij toch weer teleurgesteld; “Hoe word je ooit goed in één ding als je alles doet?”
“Maat, hou me vooral meer tegen. Anders ga ik alleen maar in de knutselhoek liggen vandaag,” dreigt Rae. Hiermee is ze trouwens officieel de eerste persoon ooit die dreigt met een zin die het woord “knutselhoek” bevat.
“De wát?” vraagt Bolt verward. Hij twijfelt stiekem of hij het antwoord wel wil weten.
Rae maakt haakjes in de lucht met haar vingers. “Het camouflage onderdeel.”
Voor het eerst is Bolt niet zozeer teleurgesteld. Hij is bijna opgelaten dat Rae met een idee komt dat niet afschuwelijk klinkt. “Misschien word je daar nog goed in, dan.”
“Je weet zelf ook wat ik ga lopen tekenen. Ik doe wat ik wil, Bolt. Wees blij dat ik iets doe. Wees blij dat ik een bijl opgetild krijg,” Rae kijkt gericht naar Renwa, die precies op dat moment zijn vork laat vallen.
“Hij was zwaar, oké?” verdedigt hij zichzelf, matig succesvol.
Bolt overweegt zijn hoofd tegen een muur te slaan. Maxine droomt weg van een strand en een kokosnoot om uit te drinken. Ze luistert al twintig minuten niet meer naar dit gesprek. Het ontbijt is pas tien minuten bezig.
Electra is veel langer bezig dan tien minuten. Met haar praatgroep heeft ze gisteren afgesproken dat ze aan exposure therapie gaat doen. Dat schijnt goed te werken voor je angsten. Ze moet dus aansluiten bij het ontbijt. In dezelfde ruimte zijn als dat… dat monster. Ze durft haar naam niet te zeggen - iets waar de groepsleider onnodig boos over werd. “Je geeft haar macht, Leccie!” Ten eerste, wie geeft haar nou macht, Electra of het feit dat ze een ongeleid projectiel is die geen wapens nodig heeft om Electra om te leggen? Ten tweede, Leccie? Echt? Niet erg professioneel.
Deze ochtend staat Electra voor de spiegel. Ze blijft het herhalen. Je kan het, Electra*. Je kan het! Herhaling is goed. Herhaling is fijn. Herhaling helpt zelfs. Je kan het, Electra. Electra blijft het de komende twee uur herhalen en mist het ontbijt. Morgen weer een kans.
*Ik breng de expliciete afwezigheid van het woord "Leccie" graag nogmaals onder uw aandacht.
Reageer (1)
I love her omg snel, focus op makkelijke vragen!! Niet dieper nadenken ieuw
Meg is het hier absoluut mee eens
Zo valid lol eens
YIKESYIKESYIKES
YIKESYIKESYIKESYIKES-
Damn Sanne, die nachtmerrie is echt fucking goed??? Holyshit??? En wat NAAR gsjxjsjcjsjxj oh poor baby awh en lol somehow werkt het ook wel dat ze haar naam dus stug afkort naar Rae en niet Ash ofzo want dat lijkt op wat Magnus bedoelde gdjcjskxjejd also kUT MAGNUS
Oh auwtsj??? Damn
En het somehow nog intimiderend weet te brengen ook lol
Go off girlie, ga lekker in de knutselhoek liggen
De vork?? Een bijl?? Who knows!!
Excited voor een ontbijt waar Leccie wel aanwezig is lol 1 week geleden
Leccie is even met sabbatical <3
1 week geledenBlij dat je de nachtmerrie goed vindt. Ik vond het een heel moeilijk stukje schrijven en ik vind heel eng dat het nu openbaar is lmaoooo. Funny haha schrijver doet opeens serieus? Cringe.
Het is zo nice!!! En love love love om deze kant van je schrijven dus ook eens te zien?? Het is echt ziek gaaf ik ben groot fan
1 week geleden