Hoofdstuk 4
“Laten we maar snel overgaan op de vrouwelijke tribuut van dit jaar… dit jaar worden WIJ vertegenwoordigd door…” Haar hand glijdt in de pot gevuld met honderden lootjes. “Astraea Solidspark!”
Het geluid van een brekend hart. Zinnia gooit haar nek om naar waar haar grote zus staat. Die staart verdwaasd voor zich uit. Die naam heeft Rae al lang niet meer gehoord. Te veel pijn. Te hard weggestopt. Overal, behalve bij de bureaucratie van het Capitool. En… hij zal het ook nog wel weten. Magnus. Rae’s ogen vliegen naar de kant van het podium waar hij net nog stond. En daar staat hij nog. Ogen direct gericht op haar. Tweelingen hebben soms geen woorden nodig om te communiceren. Hetzelfde blijkt in dit geval te gelden voor vijanden. Magnus’ gedachten klinken net zo helder als woorden: schaakmat. Ik heb je. Hij veinst daarna een intens gemaakte verrassing. Alsof het hem raakt. Alsof het nieuws voor hem is… Maar dat zal dan wel niet. Die grijns. Die smerige, smerige grijns. Al was hij maar 3 seconden. Rae wéét dat hij hier achter zit. Ze kan zijn gore zelfverheerlijkende gedachten bijna horen. En ook die van Rae zijn duidelijk. Het enige dat Rae kan denken, is “Fucking. Klootzak!”.
Het enige probleem zijnde dat dat geen gedachte was. Dat was een schreeuw. Altijd lastig uit elkaar te halen. Wel, dan kan ze er maar beter voor gaan ook, denkt Rae (deze keer echt). Haar bloed kookt en haar middelvingers gaan de lucht in. Voor iedereen die het wil zien. En voor iedereen die het niet wil zien. En voor de camera’s, welke Rae inmiddels heeft gespot.
“Fuck dit!” schreeuwt ze. “Fucking klootzakken!”
Even overweegt ze haar opties. Wegrennen? Voor lafaards. Braaf naar het podium lopen en het “lot” maar “accepteren”? Voor lafaards. Blijven staan, maar weigeren mee te werken? Perfect.
In deze overweging is niet meegenomen dat er twee Vredebewakers aan zouden komen die de armen van Rae achter haar rug zouden vastzetten. Waar de mannen vandaan komen kan niemand je vertellen, ze doemen - veel te snel - op uit de menigte. Rae stribbelt tegen. Ze schudt haar schouders. Ze probeert te trappen, maar als ze dat doet wordt ze opgetild tot boven de grond. Verdomde mannen en hun lengtes. Dit houdt de pogingen tot trappen niet tegen. Ze probeert haar kidnappers van hun balans te gooien. En het lukt haar ook nog, de rechterman - schattig, jong, met blonde haren en blauwe ogen - struikelt. Rae's voeten raken de grond. Ze voelt de vingers om haar rechterbovenarm verslappen. Ze is niet bezig met de blauwe plekken die de ijzeren grip van de andere man achter gaan laten. Of met het feit dat Zinnia schreeuwt; iets in de trant van “Rae, doe normaal! Ze hebben wapens!”. Rae denkt enkel aan de kans die ze heeft gekregen. Haar rechterarm vrij, betekent een elleboogstoot kunnen uitdelen. Die is raak. De Struikelaar struikelt verder. Rae zet zich af tegen de vloer in de hoop ook de grip van de man links van haar los te trekken. Maar die man is vast expert-meisjes-knijper (ieuw), dus dat lukt niet. Tot overmaat van ramp krijgt de Struikelaar zijn zaakjes opeens lekker op orde. Hij heeft opeens een balans gevonden. Gefeliciteerd, denkt Rae.
De man doet een poging om de wild om zich heen slaande arm van Rae te pakken, maar dat is moeilijk wegens het hele “wild om zich heen slaan” gebeuren. De nagels van Rae zijn niet per se lang, maar blijkbaar lang genoeg om een flinke snee te krassen op de wang van de Vredebewaker.
Rae heeft pas erg laat door dat er twee Vredebewakers komen. Zo laat, dat er eentje de kans krijgt om haar een flinke duw van achteren te geven. Nu is zij zelf haar balans kwijt (oh, hoe de rollen zijn… omgestruikeld). De Struikelaar wint de strijd met haar rechterarm. De twee nieuwe vredebewakers pakken haar benen en tillen haar effectief van de grond. Nog meer dan de vorige keer. Dit is… beschamend. Ze wordt als een soort offer opgetild. Of zoals ze bij de ondergrondse feesten wel eens deed: crowdsurfen. Rae kan je in ieder geval vertellen dat dat leuker is. Nog even en ze pakken een paal om haar aan vast te binden, denkt ze. Een big aan een spit. Passend, wat met het hele Spelen-gebeuren in het vooruitzicht. Maar de toekomst krijgt nu geen ruimte. Alles waar ze aan kan denken is tegenstribbelen, en haar vurige, passievolle haat voor Magnus. Magnus, die overigens dichterbij is gekomen. Hij heeft zijn positie naast het podium ingeruild voor het deprimerende pad tussen de twee groepen tieners waar het huidige tafereel zich afspeelt. Magnus knipt met zijn vingers en wijst naar de grond. Rae wordt naar beneden gelaten vanaf de overwegend beschamende vlieghouding. Haar armen worden echter nog steeds pijnlijk strak achter haar rug gehouden. De twee mannen die net nog haar benen vast hielden, staan opgesplitst. Één achter Rae, en één tussen haar en Magnus in. Ze kantelt haar hoofd naar achter om hem in zijn ogen aan te kijken. Hij heeft schijnbaar wat te zeggen. Kom dan, denkt Rae, en ze spaart alvast een nieuwe rochel - hey, het werkte gisteren nog.
“Zo, weer wat aandacht gehad, asbakje?” De koosnaam steekt haar dieper dan ze toe gaat geven. Met, of zonder menigte om zich heen. Alles dat belangrijk is, is winnen van Magnus. “Was het genoeg?”
Spuugtijd. Ze schraapt haar keel en spuug met alles dat ze in zich heeft in zijn gezicht. Behalve dat er tussen zijn gezicht en haar kunstwerk van een spuugkwat een schild wordt gegooid. De Vredebewaker die tussen Rae en Magnus in haalt zijn zwarte schild een, nu druipend, zilveren Capitoolembleem weer snel weg. Dat geeft haar alle mogelijkheid om te mogen genieten van het tevreden doch frustrerend onverschillige gezicht van Magnus.
“Als je klaar bent, bied ik je graag een keuze. Wil je een kans maken? Of wil je liever nu neergeknald worden? Want dat laatste kunnen we regelen. Je bent niet de eerste, en je zal niet de laatste zijn. Ik geef het, wat, drie weken? Dan zijn ze je allemaal vergeten. Jouw keuze.” Hij maakt aanstalten om weg te lopen; met een tevreden gezicht draait hij om. Rae gaat niet ten onder zonder een gevecht dus begint weer met wilde bewegingen in een poging los te komen. Ze schreeuwt hem nog na voordat hij wegloopt - iets uiterst onvriendelijks over zijn moeder - maar Magnus lijkt zich te bedenken. Hij draait zich terug om. Op zijn gezicht ontwikkelt de hint van een vreselijke grijns. Zijn gele tanden flitsen even voorbij voordat hij ze weer verbergt. Hij komt heel dichtbij Rae staan, zodat ze zijn fluister maar al te goed kan verstaan. “De laatste optie dus? Ik had al zo’n vermoeden. Oh, maar dan heb ik wel een nieuwe tribuut nodig. Ik hoorde dat de familie Silverspark dit jaar héél veel pech heeft…” Fuck. Fuck. Rae bevriest, midden in een tevergeefse poging om haar linkerarm te draaien. Elke mogelijke uitkomst vuurt in haar hoofd af. Maar ze weet het al lang. Ze heeft verloren. Sterker nog, ze is uit het spel gezet. De hele onderwereld, nee, de hele wereld is een spel dat Rae alleen maar kan winnen. Maar niet als ze met haar familie gaan dreigen. Dat spel speelt ze niet. Nooit. Zinnia wilde haar zus jaren terug al helpen met wat ze ook aan het doen was. Op dat punt was dat wat kleine overvallen. Maar ook toen zei Rae nee. Ze vertelt zichzelf vaak dat ze dit werk alleen voor haar familie doet - iets dat ooit nog een kern van waarheid droeg. Als Zinnia meewerkt, heeft Rae het spel per definitie verloren.
En Magnus weet dat. Hij wist het al langer. Misschien is ze gisteren te ver gegaan, en is hij gebroken. Dat maakt Rae enigszins trots. Maar, als die fucking bom nou had gewerkt gisteren. Dan waren zij en District 5 van Magnus af. Ze kan het niet bewijzen, maar ze wéét dat Magnus heeft gesjoemeld met de Boete dit jaar. Misschien wilde hij sowieso van haar af. Of misschien was die bom toch de druppel die de emmer deed overvloeien.
Het komt overigens niet in haar op dat ze zonder het plaatsen van een mislukte bom misschien wel nooit in deze situatie was gekomen.
Wat er wel in haar opkomt is een golf van verdriet en vernedering. Pijn. Ze verliest.
“Fuck jou, Magnus.” De woorden zijn vergif, met haar hart in brand. Rae probeert met elk woord een pijl te schieten, recht in het hart van haar ex-werkgever.
Magnus veinst onschuld. “Ik hoor je niet? Was het toevallig iets in de trant van ‘ja, meneer. Sorry, meneer?’”
“Je hebt me waar je me hebben wilt. Ik ga niet bedelen,” zegt ze met een stem die een decennium ouder klinkt.
“Ik krijg je nog wel verder dan dit, meisje. Wacht maar.” Het enige dat Rae op kan brengen is een verschrikkelijk haatvolle blik in haar ogen. Ze weegt haar woorden zorgvuldig nu Zinnia in het spel is. Ze durft veel, maar de risicos zijn te groot. Ze houdt zich in.
“Mooi zo. Gaan we zelf lopen, of heb je je oppas nodig?” Rae merkt nu pas dat haar twee gijzelnemers haar hebben laten zakken. Ze wordt stevig vastgehouden, maar staat ook stevig met beide voeten op de grond. Zo voelt dat niet. Dit is niet haar wereld. Dit is een nachtmerrie.
Ze wil geen woorden vuil maken aan Magnus, dus met een gerichte zucht schudt ze haar armen eenmaal; laat me los. De Vredebewakers versterken hun grip instinctief. Maar Magnus knikt. De mannen laten los.
“Hop. Je hebt ze lang genoeg laten wachten, pup.” Triomfantelijk klapt Magnus in zijn handen. Zijn gezicht gerimpeld en monsterlijk - al is dat misschien een gekleurde invulling.
Rae draait zich om naar het podium en begint te lopen. Haar handen in haar broekzakken. Middelvinger gestrekt.
Reageer (1)
Volgens mij is Rae sowieso best wel goed in non-verbaal communiceren. Niet om haar verbale talenten teniet te doen, want verbaal is ze ook zeer gedreven, maar volgens mij is haar lichaamstaal erg... sprekend
Iconisch man Rae is enorm iconisch
Ngl wel een beetje, maar hey, geen zorgen Rae! Dit wordt er wel uit geknipt!!
Ah, naar het podium crowdsurfen. Lijp iconisch, piek Quizlet Games en toch nog niet eerder gedaan. I love it
DE KLOOTHOMMEL
Pak ze, tijger!!