Foto bij Hoofdstuk 1 ~ Dromen

Geschreven door Bo

In de Hoenn regio

Ik hoorde de mensen om me heen juichen, het was oorverdovend! Tegenover me stond mijn laatste tegenstander, Vincent. Hij was ongeveer even oud als ik en ik had hem eerder zien vechten. Tegen de andere trainers wist ik zeker dat het niet al te moeilijk ging worden maar bij deze jongen was er iets anders. Hij had in zijn ogen een zekere vastberadenheid, hij moest en zou winnen, tenminste zo leek het.
Hij gooide als eerste zijn Blaziken op en ik gooide mijn Milotic. Ik had het voordeel dus het eerste gevecht had ik gewonnen.

Toen gooide hij zijn Shedinja op. Ik had tegen die soort niet vaak gevochten, nog maar een keer en dat pakte niet zo goed uit maar er was geen tijd om daar aan te denken. Die Shedinja had een goeie verdediging en sterke aanval dus ik had verloren. Terwijl de commentator schreeuwde dat het gelijk stond had ik zin om te schreeuwen: "Goh, zou je denken!"

Daarna gooide ik mijn Mightyena. Ik had haar sterk getraind en was in het voordeel dus dit moest wel lukken! Dit gevecht had ik ook gewonnen, tuurlijk was ik nog niet blij want er was iets met de jongen tegenover mij, hij wou nog niet opgeven en ik natuurlijk ook niet.

Hij gooide toen Flygon op, een van de prachtigste pokemon die ik ooit had gezien! De Flygon was sterk vooral zijn zandstorm, daardoor was Mightyena totaal verblind en dat maakte het voordeel van Flygon dus ik verloor.
Toen gooide ik mijn altaria op, ik wou altijd al een lucht gevecht! Nu was de kans! Het was een hevige strijd maar Flygon won maar net.

Flygon was nu wel verzwakt dus nu was mijn kans! Ik gooide mijn Ninetales op en net toen Flygon de aanval 'vlieg' wou doen zei ik tegen Ninetales dat ze de Flygon uit de lucht moest schieten met 'vlammenwerper'. Zo gezegd, zo gedaan, en ik had gewonnen.

Toen sprong een Poochyena op. Ik vroeg me af waar die vandaan kwam, vast te eigenwijs om in zijn pokéball te zitten maar dat maakte niks uit. Ik zei tegen Ninetales dat ze haar 'vlamwiel' moest doen en die Poocheyena ontwijkte haar zonder enkele moeite! Ninetails stond even stil en de Poochyena schoot onder haar door, sprong snel op en deed crunch in haar hals. Daarna deed de Poochyena nog een paar krachtige en gerichte aanvallen en ik had verloren.

Ik gooide mijn Aggron op. De Poochyena was snel maar Aggron had veel uithoudings vermogen. Ik zei dat hij 'haal neer' moest doen want een goeie 'haal neer' moest de Poochyena wel K.O. krijgen. Ik miste vaak met de 'haal neer' en dat was niet zo slim van mij want 'haal neer' veroorzaakt ook schade aan Aggron. Daarna zei ik dat Aggron 'metalen klauw' moest doen, de Poochyena kreeg de opdracht om 'Sucker punch' te doen, Aggron nam een grote aanloop, de Poochyena deed hetzelfde. Ze sprongen tegelijk! Het was voor beide een goed raak! Zo ver ik kon zien vocht Aggron om overeind te blijven maar viel toch neer, precies tegelijk met de Poochyena! Het was dus gelijk spel… Terwijl wij alle twee het veld op liepen en steeds dichter bij elkaar kwamen keek hij me recht in de ogen met een brede grijns, ik keek natuurlijk fel terug. De commentator zei dat het pauze was en dat het zo weer door zou gaan. Ik liep naar Aggron en hij keerde terug in zijn pokéball, daarna keek ik achterom en zag de jongen zijn Poochyena mee dragen terug naar de wachtruimte.

In de wacht ruimte keek ik terug naar het gevecht en had gemerkt dat hij nog 2 pokémon over had en ik maar 1! Dus Sceptile moest 2 verslaan! De commentator schreeuwde dat het gevecht weer door ging en met een zucht stond ik op en liep naar het stadion.

Daar stonden we weer, en alweer keek hij me aan met de blik dat hij moest, en zou winnen. ik zag dat zijn Poochyena aan de zijlijn op het bankje lag te slapen. Ik zei tegen de pokéball die ik vast had: "Jij bent mijn laatste Pokémon".
Ik gooide mijn Sceptile op en met een trotste, uitdagende blik keek hij naar de jongen. De jongen glimlachte en gooide ook een Sceptile op. Het enige verschil was dat de staart van mijn Sceptile wat verbrand was, hij had me toen beschermd tegen 3 Camperupt. De strijd was heftig, gewoon niet normaal meer, ze stonden nek aan nek. Ik zei dat mijn Sceptile 'mes scherpblad' moest doen dus hij sprong op, de andere Sceptile sprong ook op en kreeg net toen mijn Sceptile wou aanvallen het commando 'woeker plant'.
De aanval raakte mijn Sceptile vol. Ik zag dat zijn door een knie zakte en uitgeput naar de grond staarde. Mijn Sceptile sprong meteen op, ik zei snel dat hij weer 'mes scherp blad' moest doen. Hij schoot naar voren en even zag het er naar uit dat het gevecht gedaan was, ik ging winnen! Maar ik was te snel, de gedachte ging nog maar net door mijn hoofd toen ze direct erna weer verpulverd werd. Ik stond met mijn mond wijd open. Vlak voor dat mijn Sceptile de andere Sceptile ging raken met 'mes scherp blad' sprong de andere opzij en raakte mijn Sceptile vol in de buik met zijn 'mes scherp blad'. Mijn Sceptile vloog naar achter en knalde tegen de muur. Het publiek schrok en hield zijn adem in. Bang keek ik achter me of hij nog op kon staan, maar het was voorbij, ik had verloren. Het was ongelofelijk! Ik keek naar de jongen, die er eigenlijk vrij rustig in bleef ondanks het feit dat hij net de finale van de Pokémon League had gewonnen! Ik liep naar achter, Sceptile was al weer bij en keek teleurgesteld omdat hij had verloren. Ik zei dat hij het geweldig deed en deed hem terug in de pokéball, Toen ik een stem achter me hoorde: "Goede wedstrijd!" Ik draaide me met een ruk om en daar stond de jongen, hij stak zijn hand uit, "Goede wedstrijd", zei hij weer en schudde zijn hand waarna ik weg liep terwijl ik allemaal gejuich om me heen hoorde.

Ik zuchte diep en de tranen kwamen in mijn ogen terwijl Sceptile me een beetje probeerde op te vrolijken. Het lukte hem niet 100%… Tuurlijk, ik lachte wel om zijn rare gezichten en grapjes maar diep van binnen was ik niet zo vrolijk. Ik keek naar het scherm en zag het gevecht van de Sceptiles. Ik gaf mijn pokemon aan zuster Joy, en maakte ze beter. ik liep naar de PC en wisselde Ninetales om voor Phanpy want Ninetales was niet 100 % na dat gevecht met die Poochyena.

"Kom je mee?", vroeg ik aan Sceptile. Terwijl Sceptile me een beetje vragend aan keek volgde hij me. Ik snap wel waarom Sceptile dit raar vind, meestal zou ik zeggen: "Volgende keer beter!", maar deze keer is het anders dan dat iemand me voor was bij een gym dit keer was het echt als een stomp in je gezicht. De jongens hadden altijd tegen mij gezegd: "Pokémon gevechten zijn niks voor meisjes! Ga lekker contests doen!", en ik dacht telkens dat ze ongelijk hadden, ik wou het tegendeel bewijzen.

Terwijl ik triest naar huis liep, en Sceptile achter me aan sjokte, kwam Phanpy ineenkeer uit mijn pokéball en keek trots en uitdagend om zich heen alsof hij wou vechten. Ik had Phanpy net uit een ei dus hij was niet echt sterk maar hij had wel een grote vechtlust en natuurlijk dacht hij dat hij mee kon doen aan de league. Phanpy draaide zich met een ruk om en keek me een beetje vragend en sip aan. Ik knielde neer en zei: "Sorry Phanpy, we moeten wachten. Er was iemand beter dan ons." Phanpy keek me met een zielige blik aan en moest al bijna huilen. Ik tilde hem op en vervolgens gingen we weer naar huis.

De volgende ochtend zat ik op mijn kamer met mijn pokemon een beetje naar buiten te staren. "Bo je bent op tv", hoorde ik mijn moeder schreeuwen en ik rende naar beneden en zag de herhaling van mij tegen die jongen, Vincent. Het was een klap in mijn gezicht om dat te zien, toen zag ik wat stukjes van hem tegen de Elite Four en een interview van hem.
Een van de interviewers vroeg hem: "Vincent, hoe ging je finale gevecht, vlak voor je tegen de Elite Four moest?"
Hij antwoordde: "Minder goed als ik dacht, dat meisje haar Sceptile was enorm goed getraind, mijn Sceptile had het op een bepaald moment erg lastig!"
"En wat zijn je plannen nu?", vroeg te interviewer
Vincent antwoordde vastberaden: "Verder Reizen! Zeker Weten! Professor Rowan vertelde me dat er volgende week een boot vanaf Slateport City direct naar Olivine City in de Johto regio gaat, en vanaf daar gaat er een boot rechtstreeks naar Castelia City in de Unova regio! Daar ga ik mijn avontuur verder zetten en hopelijk weer de league halen en misschien de kampioen verslaan! 
De interviewer had nog een laatste vraag "Dat zou dan al de 6de keer op rij zijn dat je de kampioen verslaat! Vind je het spannend?", vroeg hij.
Vincent antwoordde aarzelend: "Toch wel een beetje…"
De interviewer beëindigde het gesprek.
Ik liep een beetje sip naar mijn kamer zuchte diep en keek weer uit mijn raam.
Even later sloegen mijn gedachten om…

4 dagen later

"Alsjeblief mam laat me gewoon gaan", zei ik op een zeurderige toon.
"Nee!", zei mijn moeder fel.
"Toe nou ik ben 13 jaar en kan heus wel voor mezelf zorgen laat me alsjeblieft gaan!", riep ik.
"Je zeurt nu al 4 dagen aan een stuk door en ik blijf het herhalen, nee is nee!", riep mijn moeder.
Ik rende boos naar mijn kamer en sloeg de deur met een harde klap dicht en schreeuwde: "Ik mag ook nooit weg hier!" Ik sprong op mijn bed en verbergde mijn gezicht in het kussen.
Een half uur later hoorde ik iemand de trap op komen, de deur van mijn kamer ging zachtjes open. Ik lag nog steeds in mijn bed met mijn hoofd in het kussen verborgen terwijl iemand op het bed kwam zitten.
"Bo je mag hier wel weg maar ik ben bang dat je iets overkomt" zei mijn moeder zacht.
Het was mijn moeder met hetzelfde verhaal dat ze om me gaf het was altijd wel hetzelfde maar het haalde me elke keer opnieuw over om niet naar Unova te gaan maar dit keer zou het haar niet lukken. Ik wou koste wat het kost naar Unova
"Maar er gebeurd me echt niks!", zei ik half huilend.
"Bo weet je echt heel zeker dat je wilt gaan? je kunt niet zomaar terug"
"Ik weet het echt heel zeker!", riep ik vastberaden.
Mijn moeder zuchte diep en zei: "Goed dan…"
"Wat?", riep ik verwonderd.
"Je mag naar Unova." zei mijn moeder aarzelend.
Er schoot me vanalles te binnen. Ik sprong op en gaf mijn moeder een dikke knuffel. "Je moet wel snel inpakken", zei ze. "De boot vertrekt morgen al."
"Ja natuurlijk!", antwoorde ik. "Maar ik wil het eerst aan m'n Pokémon vertellen!"
Ik stormde de trap af en rende naar de achtertuin waar ze altijd rondhangen. ik schreeuwde tegen hen: "Ik mag gaan naar Unova jongens!" Natuurlijk waren alle pokemon blij voor me, behalve een van hen, dat was Phanhpy. Hij had nog niet zoveel met hem gereisd dus hij was diep beledigd. Ik vertelde hen dat als ik de league gehaald had, ik ze kwam ophalen en dat ze rond mochten kijken maar Phanpy was nog niet echt overtuigd. Ik vertelde hem dat ik zeker hem als eerste naar Unova liet sturen maar hij was daar nog steeds niet blij mee en liep van me weg. Met een zucht stond ik op en rende naar binnen.

De volgende dag

"Heb je alles ingepakt?", vroeg mijn moeder bezorgd.
"Ja mam."
"Weet je dat zeker?", vroeg ze weer.
"Jaahaa, ik heb alles"
"Zijn alle tassen goed dicht?"
"Ja moeder!", zei ik lichtjes geërgerd.
"Waarom is die dan open?", en ze wees naar een tas op mijn bed.
"Oeps, vergeten!", antwoorde ik. Mijn moeder glimlachte en zei dat ze wat broodjes ging klaarmaken want het werd een lange reis ze liep de trap af en deed de deur dicht. Wat ik niet merkte was dat Phanpy naar binnen was geslopen en zich achter een van mijn tassen had verstopt. Toen mijn moeder met de broodjes naar boven kwam deed ik ze in de tas die nog open stond, niet wetend dat Phanpy erin was geslopen en zich erin verstopt had.
Ik checkte nog een laatste keer of ik alles ingepakt had. Toen ik net klaar was riep mijn moeder: "Bo opschieten, of je komt te laat voor je boot!" "Slateport City is niet zo ver weg", riep ik terug. Ik gooide de tassen in op de achterbank van de auto en ging op de passagiersstoel zitten. Met de auto was het maar 45 minuten rijden tot Slateport City. Mijn moeder stopte de auto, ik stapte vlug uit, nam alle tassen, en wandelde met men moeder richting de boot. Terwijl we dichter bij de boot kwamen zei men moeder plots: "He was dat Vincent niet die net op de boot stapte? Je weet wel, jou tegenstander van de finale." "Ik weet wie hij is!", zei ik kortaf. Ik gaf haar een zoen op haar wang en zei: "Bedankt dat ik mocht gaan." "Geen dank, maar zorg wel dat je zo snel mogelijk alles hebt uitgepakt, als je dan nog wat vergeten bent kan ik je Altaria nog langs sturen." "Ik zal zo dadelijk al uitpakken", zei ik. Men moeder gaf me nog zoen op mijn voorhoofd en ik wandelde verder richting de boot, vlak voor ik opstapte keek ik nog een keer achterom en zwaaide naar mijn moeder. Ik draaide me weer om en stond in de lobby van de boot. Het leek net een vier-sterren hotel! Het laminaat blonk enorm en het spiegel plafond leek net gepoetst. En overal rook het zo fris. Toen ik eindelijk mijn kamer gevonden had begon ik meteen met uitpakken. "Ik kan niet geloven dat ik naar Unova ga!", zei ik tegen mezelf. Zodra ik klaar was met uitpakken waren we toch al eventjes onderweg. Ik deed daarom mijn pyjama aan en zette het patrijs poortje open voor wat frisse lucht. Morgen een nieuwe dag, en weer een dag dichter bij Unova…

Reageer (1)


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen