Foto bij 017.

Mathilde Monique Boosch (2013)

Wanneer we aan de kleine haven aankwamen waar verschillende jachten aangemeerd waren, was het ondertussen al donker buiten. Duizenden sterren twinkelen aan de hemel en het maanlicht weerkaatste op het water, waardoor er een romantisch tafereel ontstond. Ik werd er helemaal door betoverd.
“Mooi, eh?” vroeg Niall, die me duidelijk naar het uitzicht had zien kijken.
We wandelden naar de jacht toe en het was ondertussen al wat frisser geworden buiten, waardoor ik mijn arm in die van hem gehaakt had om het wat warmer te krijgen.
“Ja”, zei ik terwijl ik terug naar de sterren keek.
Het werd terug stil tussen ons, maar dat vond ik niet erg. Ik had tijdens het etentje Niall veel beter leren kennen. Ondertussen wist ik al dat hij veel meer was dan de schattige jongen van One Direction die van eten hield. Hij was een lieve, grappige en spontane gast met zo van die mooie, twinkelende blauwe ogen. Ik beet op mijn lip wanneer ik kriebels door mijn buik voelde razen wanneer ik aan die mooie ogen dacht en wendde mijn blik voorzichtig naar de grond.
“We zijn er!” riep Louis er hyperactief uit. Hij liep naar één van de jachten toe en sprong over het ijzeren hek dat rond de boot hing ter bescherming. Ik lachte wanneer hij met een harde smak op de grond van de boot viel, waardoor de bestuurder ervan hem in het Italiaans begon uit te schelden.
“Is hij altijd zo?” vroeg ik terwijl ik Niall aankeek, die ook aan het lachen was. Hij knikte.
Ondertussen had de kapitein van de jacht een soort brugje voor ons gemaakt, zodat we wat gemakkelijker dan Louis in de boos geraakten. Niall nam mijn hand vast en hield hem een beetje in de lucht, zodat hij me voor kon laten op het brugje. Ik keek naar beneden en zag dat het water zo’n tien meter onder me tegen de rand van de boot aan het klotsen was, waardoor mijn grip op zijn hand verstevigde.
“Het is oké”, zei hij daarna. Hij zette zijn vrije hand op mijn schouderblad en duwde me lichtjes naar voor. “Je zal niet vallen. Ik ben er om dat te voorkomen.” Ik haalde diep adem en concentreerde me op Nialls troostende woorden terwijl ik voetje voor voetje van het bruggetje wandelde.
Eens daar, viel ik meteen in de armen van Amber, die ook gemerkt had dat ik moeite had met oversteken. “Het wordt echt tijd dat we wat doen aan die hoogtevrees van jou”, fluisterde ze terwijl ze bemoedigend over mijn rug streelde.
Ik knikte en liet haar los. Ze keek me nog even bezorgd aan, maar glimlachte terug naar me nadat ik dat ook naar haar gedaan had. Ik stak nog steeds glimlachend mijn vuist ter hoogte van onze gezichten en liet mijn pinkje omhoog staan. “Ik zal dat doen als jij belooft wat aardiger te zijn tegen Harry.”
Ze beet op haar lip, maar herpakte zich en draaide overdreven met haar ogen. “Fijn, Mathilde. Leuk dat je me dat aan wilt doen.”
Ik wendde mijn blik eventjes af, maar keek haar toen rechtuit aan, zodat ze niets anders kon doen dan in mijn blauwe ogen kijken. “Hij is erg lief. Je moet hem een kans geven.”
“Sorry, Mathilde. Hij is best een rokkenjager.”
Ik zuchtte en kruiste mijn armen. “Pinky promise!” zei ik als een koppige vijfjarige, “Als jij dat gaat doen, ga ik zo snel mogelijk mijn hoogtevrees overwinnen.” Ik stak mijn pinkje weer naar me uit.
Amber blies geïrriteerd, maar haakte haar pinkje daarna in die van mij. “Alleen maar omdat je dan jouw hoogtevrees aanpakt!” zei ze dreigend.
“Oké”, zei ik, blij dat ik gewonnen had. Ik wandelde naar de jongens toe, die een vreemd gesprek aan het voeren waren met de kapitein.

Reageer (2)

  • xBarcelona

    Loveee it<33
    Snel verduuuur(flower)

    1 decennium geleden
  • mizziris16

    aboo!!
    Snel verder.
    xxx

    1 decennium geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen