Back to Reality
Ik word wakker door zonlicht dat door mijn gordijnen komt. Hoe laat is het nu wel niet? School kan me nu in ieder geval niet boeien. Ik probeer op te staan. Even lijkt het alsof het ook werkelijk lukt. Ineens voel ik de pijn weer door mijn been steken en zak terug. Ik moet doorzetten. Kom op Milan. Je kan het wel. Even blijf ik liggen. Het licht van de zon voelt warm aan. Het zou fijn aanvoelen als ik tegelijkertijd geen pijn zou had. Ik besluit nog een keer te proberen. Ik pak de rand van de verwarming vast en wonder boven wonder sta ik dan ook eindelijk. In een hoekje zie ik mijn mobiel liggen. Die is ook mooi kapot. Ik probeer te lopen. Ik voel de steken in mijn been bij elke stap steeds beter. Toch zet ik door. Ik ga de trap af en loop de woonkamer binnen. Daar zie ik mijn vader liggen op de bank, met een fles drank langs zich. Bah, ook dat nog. In de keuken staan ook nog de flessen die hij gisteravond gedronken heeft. Ik pak ze en zet ze op het aanrecht. Ik krijg ze nauwelijks opgetild. Niet dat ze zwaar zijn, maar zo voelt het wel. Ik kijk uit het raam. Het zou best een mooie dag kunnen zijn. Maar dit geldt niet voor mij. Ik kijk op de klok achter me. 3 uur. Heeft het nog nut om naar school te gaan? Ik heb tot half 5 les, als ik daar ben moet ik zeker weer gaan. Ik staar uit het raam. Ik zie een vogel en volg hem met mijn ogen. Zorgeloos vliegt het vogeltje van de ene kant van de tuin naar de andere. Ik zou ook zo zorgeloos willen leven, maar nee. Dat kan weer niet. Ik denk aan Summer, en haar mooie ogen en even vergeet ik mijn pijn weer. Summer was de enige die er vanaf weet. De enige die ik op dit moment vertrouw. Maar, dadelijk doet mijn vader haar nog iets aan? Met een shock ben ik terug in realiteit. Dit mag niet. Mijn leven, haar leven. Ik ben een groot gevaar voor haar leven. Ik hoor er niet. Ik loop naar de telefoon en kijk op mijn telefoonlijst wat haar nummer ook al weer was. Ik toets snel het nummer in. De telefoon gaat over, maar er neemt niemand op. Logisch ook, want er bestaat zoiets als school tegenwoordig. Uit frustratie gooi ik de telefoon op de grond waardoor mijn vader wakker wordt. Hij kijkt me nogal moeilijk aan. Maar al snel valt hij weer terug in slaap. Gelukkig, want met een kater is hij nog erger. Chagrijn, denk ik in mezelf. Ik lach zacht. Hij kan me nu niks maken. Ik moet hier weg, ik moet Summer vertellen hoe ik nu denk en wat ik wil. Ik wil geen gevaar voor haar zijn. Dit mag niet. Ik loop langzaam naar buiten en ga liggen op het bankje dat in onze tuin staat. Ik val van vermoeidheid terug in slaap. Vermoeidheid van de pijn. Maar vooral; vermoeidheid van het leven ……
Reageer (9)
Wauw, echt mooi!!!!!

1 decennium geledenSorry, maar ik heb je gewaarschuwd. Daar gaat je abo...
1 decennium geledenIk vind deze echt super mooi Jaspeeer <3
1 decennium geleden
1 decennium geledenMooi jasper! ;d
1 decennium geledenSnel verder <3