De volgende morgen werd ik vroeg wakker. Naast me voelde ik Lua rustig ademen. Vandaag zou ik die brief schrijven,het maakt me niets uit wat Lua zegt,ik moet en zal hem schrijven. Zachtjes stond ik op en maakte me klaar om naar het dorp te gaan. Beneden aangekomen kijkt de vrouw van de herbergier me vreemd aan,ze is niet gewend dat haar gasten zo vroeg naar beneden komen.
‘Waar kan ik briefpapier kopen’ vroeg ik zacht.
‘U gaat hier de straat uit dan links en dan de 3e rechts,daar is een klein poskantoortje. Daar vind u alles wat u nodig heb’ antwoorden de vrouw vriendelijk. Ik bedankte haar en ging op pad.

Niet veel later kwam ik weer terug op onze kamer.
‘Waar ben je geweest?’ vroeg Lua bezorgt
‘Ik was brief papier kopen’
‘Wil je dat nooit meer doen’ Lua kwam naar me toe lopen en sloeg zijn armen om me heen
‘Wat niet?’vroeg ik verwart
‘Weg gaan zonder iets te zeggen. Ik was bezorgt, ik dacht dat je terug was naar je ouders’
‘Natuurlijk niet’
Lua liet me los en liep na de deur. ‘Ik ga kijken of ik een baan kan vinden’
‘Een baan?’ Vraag ik verbaast. Lua draaide zich om en glimlachte.
‘Dacht je soms dat we van de liefde konden leven?’ Hij draaide zich om en liep de deur uit.
Nu Lua er niet is kan ik rustig aan mijn brief werken. Ik ging aan het tafeltje voor het raam zitten en begon te schrijven:

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen