“Dus-” Mijn moeder torent boven me uit. Ik dwing mezelf te blijven zitten. “Wat had hij te zeggen?”

“Moet dat nu?” snauw ik gedempt. Na het ontbijt en Tanicia’s rondleiding ben ik meteen naar mijn slaapkamer gegaan. Ongemerkt, hoopte ik, zodat ik mijn aandenken kon verstoppen. Zinloos natuurlijk. Nog geen minuut later kwam mijn moeder binnen om me uit te horen. Ik schuif alsnog achteruit. “Hier is geen tijd voor, mam. Volgens Tanicia gaan we over een paar minuten naar het Correctiecentrum.”

Haar hand schiet naar voren. Ze klemt haar vingers rond mijn bovenarm en trekt me met een ruk naar voren. “Was ik niet duidelijk?” bijt ze me toe. “Het is ‘Delphine’ of ‘tante Delphine’ of hoe je dat kreng ook noemt, maar ik wil geen ‘mam’ meer horen. Begrepen?” Haar nagels snijden in mijn arm. Ik knik snel. “Waar ging dat over?”

“Over jou,” mompel ik ontwijkend. “Jerold heeft je door, Delphine.” Ik hou mijn blik strak op het golvende patroon van het vloerkleed gericht. “En hij zei dat je mijn kansen verpest.”

Ik hou mijn adem in, wacht gespannen of de kaken dichtklappen. Het voelt als een eeuwigheid tot mijn moeder schamper lacht. De kaken klappen niet. Ik gluur voorzichtig haar kant op. “Je gaat me toch niet vertellen dat je hem daadwerkelijk gelooft, Meg? Wat ontzettend naïef.” Ze rolt met haar ogen. “Hij weet niets - en als hij iets doorheeft, is het omdat jij je als een dom wicht uit de tent hebt laten lokken.”

“Ik heb het niet gezegd,” protesteer ik zwak. “Ik heb alleen-”

“Je hebt het alleen ook niet ontkend?” Haar spottende toon doet me ineenkrimpen. “Prima. We zullen zien wat er gebeurt als dit uitkomt. Het maakt mij niet uit. Ik doe dit alleen om je te helpen, maar dat is zinloos als jij niet kan luisteren. Je hebt hier vooral jezelf mee, Meg. Als ze me wegsturen, zit jij zonder mentor en zonder sponsors - en dat red je nooit.” Mijn moeder stapt achteruit en zucht. “Ik ga kijken wat de schade van je blunder is. Je mag van geluk spreken dat ik hier ben om je hachje te redden.”

Ik wil zeggen dat Jerold een punt had, dat ze niet eens wist hoe ze bij het gebouw moest komen - laat staan hoe ze sponsordeals moet sluiten. Ik zeg niets. In plaats daarvan knik ik kleintjes. “Ja, bedankt, Delphine.”

Zodra de deur achter haar dichtvalt, spring ik op. Ik trek het matras een stukje omhoog, maar net als ik mijn aandenken eronder wil wegmoffelen, wordt er geklopt. De deur gaat meteen open en Tanicia steekt haar hoofd om de hoek. “Alles in orde?”

Het matras valt terug op het bedframe terwijl ik me met een ruk omdraai. “Ja, helemaal fantastisch,” snauw ik. Mijn handen trillen. “En nog beter als jullie me een seconde tijd voor mezelf konden geven. Laat me gewoon met rust!”

Tanicia trekt haar wenkbrauwen op. Ze draagt nu geen gekleurde lenzen. Haar normale ogen hebben een warme, bruine kleur en ze staan bezorgd. “Duidelijk niet dus.” Ze loopt ongevraagd mijn kamer in. “Och, lieverd. Het wordt je ook niet makkelijk gemaakt, hè. Kom hier.” De vrouw trekt me in een stevige omhelzing, zonder zich iets aan te trekken van mijn verbaasde gesputter en zichtbare ongemak. “Jeetje, jij krijgt niet vaak een knuffel, of wel?” mompelt ze hoofdschuddend als ze me loslaat.

“Dus, eh, moesten we niet naar het Correctiecentrum?” vraag ik opgelaten.
“Je hebt gelijk, schat. Laten we maar snel gaan, want we hebben nog een hoop te doen.” De vrouw knikt. “Ik moet ook nodig mijn haar laten doen. Het Correctiecentrum is echt geweldig, Meg. Geloof me, je gaat dit een ongelofelijke ervaring vinden.”


***


Daar blijkt geen woord van gelogen. Een ervaring is het zeker, maar ik betwijfel of ‘echt geweldig’ de woorden zijn die ik zou kiezen. Persoonlijk denk ik meer aan onaangenaam, ellendig of miserabel. Na uren waxen, epileren, manicure en wat dan ook nog meer, zou je denken dat ik het ergste wel gehad heb.

Tot mijn voorbereidingsteam me, nog steeds naakt, een andere kamer induwt om mijn stylist te ontmoeten. Een kamer waarvan één muur van plafond tot plint uit glas bestaat. “Ja, dag,” mompel ik. Buiten krioelt het van de mensen. “Geef me eerst mijn kleren terug.” Ik stap achteruit, terug naar de vorige kamer, maar bots tegen de deur die ze meteen weer dicht hebben gedaan.

“Ah, jij moet Megalodon zijn.” In één van de leunstoelen zit een man zo ver voorovergebogen over een stapel schetsen dat ik alleen zijn blauwe haar kan zien, dat omhoog is gekamd tot een flinke kuif en met een kilo gel is gevormd tot een brekende golf - inclusief wit geverfde uiteinden. Zonder op te kijken, gebaart hij met zijn vrije hand naar de andere stoel. “Ga zitten. Ik maak alleen nog even snel dit af…”

“Het is Meg.” Ik werp een blik op de glazen wand en verzet geen stap.

Het duurt net ongemakkelijk lang tot de man merkt dat ik niet in beweging kom. “Wat is er-” Hij kijkt verbaasd op, volgt mijn blik naar het raam en schiet in de lach. “Oh, geen zorgen, lieverd.” Ik kan zijn rug horen kraken als hij overeind komt. De man steekt zijn hand naar me uit en als ik hem de hand wil schudden, trekt hij me in plaats daarvan mee de kamer in. “Je hoeft je echt nergens voor te schamen. Ten eerste zie je er fenomenaal uit en ten tweede is dit eenrichtingsglas. Je fans zullen niet zomaar naar binnen kijken.” Hij knipoogt en schudt me nu wel daadwerkelijk de hand. “Ik ben Quintus, je stylist.” Hij heeft nogal een slap handje. “Mag ik even?” Zonder op antwoord te wachten, loopt hij keurend om me heen. Van dichtbij valt me het golvende patroon in de opgeschoren zijkanten van zijn kapsel op. Het doet me denken aan het vloerkleed in de slaapkamer. “Nogmaals: wauw, Megalodon. Ik denk dat het kostuum voor de openingsceremonie perfect bij je past.”

“Fijn,” zeg ik argwanend. “Zou ik het dan ook aan mogen trekken? En noem me alsjeblieft gewoon Meg.”

“Wat een enthousiasme,” lacht Quintus. Hij schudt zijn hoofd. “Nog niet, schat. Trek dit voor nu maar aan.” Hij vist ergens een kamerjas vandaan en begint de papieren op te ruimen. “Goed, ik wil nog wat met je bespreken voordat we de laatste hand aan je kostuum leggen.”

Ik trek de kamerjas opgelucht aan en ga zitten, terwijl Quintus wat verloren gewaande potloden terugvindt tussen de stapel schetsen. Zodra de tafel leeg genoeg is, pakt hij een dienblad van de grond met zoete broodjes en vruchtensap. “Die had ik even aan de kant gezet,” verklaart hij schaapachtig als hij mijn verwarde blik ziet. “Pak wat je wilt.” De man wacht tot ik aan mijn kaneelbroodje begin. “Dus, Meg...” Hij kijkt me met stralende, verwachtingsvolle oogjes aan. “Wat zou jij ervan vinden om model te staan voor mijn nieuwste badmodelijn?”

Reageer (1)

  • Megaeraaa

    of hoe je dat kreng ook noemt
    Wat een liefdevolle moeder en zus toch

    “En hij zei dat je mijn kansen verpest.”
    RAAK!

    en als hij iets doorheeft, is het omdat jij je als een dom wicht uit de tent hebt laten lokken.”
    Natuurlijk is alles altijd haar fout

    Awwww Tanicia is zo lief!!!

    Love dat het haar in thema is

    “Wat zou jij ervan vinden om model te staan voor mijn nieuwste badmodelijn?”
    LOVE IT! (mss iets om samen met Bes te doen? die is het nu toch al gewoon)

    8 uur geleden
    • Duendes

      Misschien heeft Murene een eh... andere love language???

      Uiteraard, wiens fout zou het anders moeten zijn pffftt

      Quintus is Zo Bad I love it hahaha

      6 uur geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen