Spoor 2a
De zon schudt me langzaam wakker, al draai ik me om in mijn bed en wil ik mijn ogen nog niet open doen. ‘s Ochtends voelt mijn bed altijd zachter, zeker als ik uit mag slapen, zoals vandaag. Het is de dag van de Boete, wat een best rustige dag zou kunnen zijn, als je niet degene bent of kent die getrokken wordt.
Een stem zegt in de verte dat ik op moet staan - Hato is dus al wakker. Ik bedek mijn ogen met mijn kussen, dat dunner voelt dan normaal gesproken, en ik ril onder mijn dekbed. Wacht, het is geen dekbed, het is een deken…
Ik open mijn ogen en ik herken niks in deze ruimte. Ik ben niet thuis.
Ik lig in de hoek van een ruimte, op een… bank? Aan de andere kant, bij een soort klein keukentje, staat een gestalte. Ze draait zich naar me toe als ik overeind kom.
“Hey, je bent wakker.” Ik denk niet dat ik haar ooit gezien heb in mijn leven. “Het werd ook eens tijd, de Boete begint over tien minuten.”
“Tien minuten?!” Ik ben plots klaarwakker.
Ze lacht. “Geen zorgen, ik woon tegenover het plein.” Ze trekt het gordijn een klein stukje open. “Kijk maar. Ik heb ontbijt voor je.”
Ik stap uit bed. Al mijn spieren voelen stijf. Ik wil haast hebben, maar mijn hele lichaam stribbelt tegen. Ik zet mijn voeten met sokken en al in een plas water - en kreun. Dat kon er ook nog bij.
“Shit, vergeten,” zegt ze. “Ik had je gisteravond nog ijs gegeven omdat je oog aan het zwellen was, maar ik denk dat je het hebt laten vallen.” Ze kijkt me aan. “Het heeft niet veel gedaan, zie ik. Het is helemaal blauw.”
Ik snap niks van deze plaats en deze meid die veel te aardig is. De Boete begint over tien minuten en straks zie ik Hato misschien wel nooit meer terug. Ik wil niet tegen haar praten en ik wil haar niet leren kennen en ik wil al helemaal niet weten wat ze gisteravond gedaan heeft. Mijn ogen speuren de ruimte af naar mijn tas, mijn jas, mijn schoenen. Zonder iets te zeggen trek ik ze aan.
“Millie-” Ze weet dus blijkbaar mijn naam ook nog? Deze meid was blijkbaar echt minder dronken dan ik. Ik geef haar niet de kans om iets te zeggen, en storm de deur uit.
Het is zeven trappen af naar het Boeteplein, maar ik heb na me aan te melden nog genoeg tijd om bij het hok van de twaalfjarigen te zoeken naar mijn broertje. Als we elkaar spotten, rent hij naar me toe. Ik trek hem in een knuffel over het touwhek heen.
“Waar was je?” vraagt hij wanhopig.
“Ik ben er nu.” Ik trek hem harder tegen me aan, probeer te negeren dat de angst zwelt in mijn borst en er tranen in mijn ogen knipperen.
“Niet bang zijn, Millie,” zegt hij. “Het is maar één briefje.”
Een vredebewaker komt onze kant op gelopen, en onze armen ontvlechten zich. “Houd je sterk, Hato,” zeg ik. “Het is zo voorbij.”
Ik zoek mijn plek bij de zeventienjarigen. Het staat al redelijk vol, dus ik sta wat aan de rand. Vanuit mijn plek kan ik Hato net niet zien, maar de burgemeester komt al opgelopen, dus ik heb geen tijd om nog een andere plek te zoeken.
De schichtige oudere man tikt tweemaal op de microfoon, en begint dan hetzelfde verhaal als altijd. De geschiedenis van Panem, Donkere Dagen, verraad, drama. Een leuke reden om kinderen in een gevecht tot de dood te gooien en daarna tegen de huilende families “lekker voor je” te kunnen zeggen, zonder je dan een slecht persoon te voelen. Wij hebben het Capitool natuurlijk eerst verraden. De burgemeester klinkt elk jaar meer alsof hij het gelooft. De roddel gaat dat hij laatst een jongen heeft laten neerknallen omdat hij fruit uit zijn tuin zou hebben gestolen.
Ik denk aan gisteren. Wat heb ik gedaan? Ik herinner me de kroeg, ik herken vaag het meisje. Stond ze achter de bar? Hoe ben ik in haar huis terecht gekomen?
Mijn gedachten worden onderbroken door een schamel applaus.
De burgemeester gaat verder met de lijst van winnaars. Echt een lijst is het niet, want we hebben er twee. Avara Express won de vierde Spelen, maar ik heb haar nog nooit gezien of iets over haar gehoord. Rex Cunner won werd de vijfentwintigste spelen: hij is de enige winnaar uit Zes die, voor zover we weten, nog leeft.
Het applaus als hij het podium betreedt is een stuk luider. Hij is de reden dat het weeshuis in Zes tegenwoordig goed onderhouden is, dat de kinderen daar naar school gaan en vaak goede banen krijgen. Rex heeft altijd een wazige blik in zijn ogen, alsof hij iets heel anders ziet als hij naar het district kijkt, maar zijn mond staat vriendelijk. Ik zie hem weleens op de markt. Hij praat met de weeskinderen, maar weinig met de rest van ons.
Na de speech en de winnaars volgt de districtbegeleider: “Flaminia Pertinax!” We hebben al een paar jaar achter elkaar dezelfde districtbegeleider gehad, maar deze dame is nieuw. Ze ziet er bijzonder jong uit, er staan om me heen mensen die er ouder uitzien dan zij - hoewel, het Capitool kennende, zou dat prima plastische chirurgie kunnen zijn. Haar outfit is… kleurrijk. Ze draagt iets wat denk ik een conducteursoutfit voor moet stellen. De blazer en de broek vloeken met haar bloesje, en alles vloekt met de glitters die veel te gul over elk van haar kledingstukken is gegoten en het zonlicht enthousiast weerkaatsen. Als ze ons als district een beroerte én epilepsie hadden willen geven, hadden ze dat ook gewoon kunnen vragen.
Ze spreidt haar armen. “Welkom, district Zes! Het is mij een éér om jullie te mogen representeren dit jaar. Zullen we dan maar snel beginnen?” Haar stem is schril, maar ze klinkt een stuk levendiger dan de man die we tot vorig jaar hadden.
Een wijde glimlach speelt over haar gezicht. Ze is in ieder geval niet compleet onuitstaanbaar, dat is mooi. “Ik sta denk ik net zo te popelen als jullie! Mogen de Hongerspelen dit jaar ímmer in jullie voordeel zijn!” Laat maar.
“Dames eerst dan maar!” Ze is indrukwekkend behendig op platforms die tien, misschien wel twintig centimeter hoog zijn. Platforms die ze écht niet nodig heeft, overigens. Ze torent nu boven de burgemeester uit. Aangepast aan haar bizarre lengte staan de glazen bollen met alle briefjes op een belachelijk hoge tafel.
Een stilte valt over het plein als haar hand de bol in verdwijnt. “De gelukkige dit jaar is…” Ik sluit mijn ogen en adem één keer uit. Niet ik? Alsjeblieft niet ik?
“Jett Raleway!”
Niet ik.
Flaminia reikt haar hals uit, in de hoop de eerste te zijn die het getrokken meisje mag spotten. “Kom maar naar voren, lieve Jett.”
Dan vindt er beweging plaats in het vak van de veertienjarigen. Een iel meisje met slordig blond haar komt tevoorschijn uit de menigte. Haar postuur verraadt niks, maar in de hoeken van haar ogen wellen tranen op en ze bijt haar lip haast stuk. Uit het publiek klinkt een snik. Ik bijt mijn tanden op elkaar. Het is verdrietig, het meisje maakt geen schijn van kans, maar gelukkig ken ik haar niet.
Als Jett op het podium grijpt Flaminia haar bij haar schouders - het meisje verstijft als ze aangeraakt wordt. “Zijn er nog vrijwilligers?” Het blijft ijzig stil. “Dames en heren, Jett Raleway!” Als het applaus wat sporadisch blijft, schalt er vanachter het podium een applaus uit de speakers. Ik grinnik zacht - dat deden ze niet bij de burgemeester.
“Dan de jongens!”
Ze laat Jett los, al blijft ze even stijf staan. Ze kijkt Rex angstig aan, die haar een troostende glimlach toewerpt.
Flaminia husselt door de bol. Ze geniet écht te veel van deze stilte. Ze husselt veel te lang voor ze een briefje pakt, en haalt haar hand dramatisch langzaam weer omhoog uit de bol. Het blijft doodstil op het plein.
Ik knijp mijn hand fijn. Niet Hato. Niet Hato, alsjeblieft niet Hato.
“Hato Carter!”
Reageer (3)
Het feit dat ik meer verward was dan zij in het begin
dat suckt zwaarMessed up (dit klinkt als iets dat Shawn zou doen) 17 uur geleden
classic mensen met teveel geld en macht en te weinig mensen die echt van ze houden
10 uur geledenLol.
Go Millie though! Get your fix problematic queen! 19 uur geleden
lol dont encourage her
10 uur geledenHahahaha eerlijk die had ik moeten zien aankomen - but i didnt lol Millie nooo met wie ben je mee naar huis gegaan :')
Auwtsj maar Hato had gevraagd of je hem wilde helpen met klaarmaken dammit pijnlijk
OEF en also lol kut voor die meid wel want eh tja dit is wel rough maar also oh Millie noooo what did u do girlie
Dat is wel heel sneu arme baby
Wat een lieverd YES bless een winnaar die ook iets goeds doet
Het is wel heel pijnlijk dat het Hato was die Millie gerust stelde met dat het maar één briefje was enzo en dan getrokken wordt like yeah natuurlijk maar also auwtsj???? 20 uur geleden
me wanneer de alcohol toch echt consequenties heeft
10 uur geleden