Voor Elisa.

Bill leefde nog. Of hij daar echt blij me was, wist hij niet helemaal zeker. Had hij gisteren bij het wakker worden zijn pijn vervloekt? Dat was nog niets vergeleken bij wat hij nu voelde.
Alexejs kogel had hem in zijn schouder geraakt, nog geen pinklengte boven zijn hart. Had hij ietsjes rechter op gezeten, dan was hij nu morsdood geweest.
Nu zat hij daadwerkelijk rechtop, tegen de muur, en vocht tegen het flauwvallen. De wond in zijn schouder was provisorisch verbonden door Irenka, maar dat nam de pijn niet weg. Bovendien was Irenka geen arts en beschikte niet over verdovingen; dat betekende dat hij het uitschreeuwde zodra ze zijn huid raakte, waardoor ze de kogel niet uit de wond had kunnen halen. Dat maakte het er niet beter op.
Kerkhoftrui had Alexej overduidelijk bevolen bij Bill uit de buurt te blijven. De Rus hing rond bij het schot dat hen van de Polen scheidde en wierp kwaadaardige blikken Bills kant op, maar kwam niet dichterbij.
Op dat moment hoorde Bill Irenka’s stem. Ze praatte luid en snel in het Pools, haar toon kwaad. Bill keek op en zag haar staan, vlakbij Alexej maar pratend tegen Kerkhoftrui. Ze voerden zo te zien een heftige discussie. Waar zouden ze het over hebben?
Bills aandacht dwaalde alweer af. De pijn legde een soort wattendeken over zijn brein, waar geen van beide stemmen echt doorheen drong. Hij haatte zichzelf voor zijn zwakte, maar had de kracht niet meer om sterk te zijn.
Plotseling brak Irenka’s stem opnieuw door zijn zeepbel. Ze snerpte op vol volume in het Duits: ‘Hij moet naar het ziekenhuis, anders gaat hij dood!’
Aha, dacht Bill suffig. Het gaat over mij. Een vingerknip later was hij dat al weer kwijt en staarde met zwakjes gefronste wenkbrauwen naar de discussie. Waar hadden ze het nou over?
Zijn ogen gleden weg, zonder dat hij daar bewust opdracht toe gaf. Een beweging bij de deur had echter zijn aandacht getrokken; vechtend tegen de versuffing focuste hij op wat hij daar zag.
Een gezicht. En niet zomaar een gezicht – hij kende dat gezicht! Opluchting schopte de versuffing opzij. Tom was hier! Tom was gekomen!
NEE! brulde een stemmetje in zijn achterhoofd. Tom moet hier weg! Als ze hem zien schieten ze hem ook neer!
Een heel scala aan scheldwoorden schoot door Bills hoofd, maar hij sprak geen enkele ook daadwerkelijk uit. In plaats daarvan plaatste hij zijn rechterhand, zijn nog bruikbare, op de grond en worstelde zichzelf omhoog. Vlammende pijn schoot door zijn linkerarm en –schouder, maar hij dwong zichzelf door te gaan. Niemand lette nu op hem – Alexej had het te druk met het observeren van de discussie tussen Irenka en Kerkhoftrui. Met een heel klein beetje geluk kon Bill misschien zijn broer waarschuwen...
Te laat. Hij stond net recht overeind, met zijn linkerarm die er nogal nutteloos bij hing en een gloeiend voorhoofd van inspanning, toen Baardmans achter het schot vandaan kwam en hem overeind zag staan.
‘Well, well!’ riep hij meteen en sloeg zijn handen ineen. ‘Look who’s standing up again!’
Bills ogen flitsten even naar de deur. Toms gezicht was nog steeds zichtbaar. Ga weg! probeerde Bill te seinen. Red jezelf! Ga weg!
Baardmans lachte. ‘Oh, are you planning to run away?’ Hij klonk alsof hij dat heel vermakelijk vond.
‘Fly away, little songbird!’ Alexej grijnsde vol leedvermaak. Irenka keek tussen de mannen heen en weer, overduidelijk woedend, en liep toen met vlugge pas op Bill af.
‘Luister niet naar hen,’ fluisterde ze hem toe, terwijl ze voorzichtig zijn klitterige haren naar achteren streek. ‘Hoe voel je je?’
Bill verbaasde zichzelf met het feit dat hij zijn stem nog had om sarcastisch te kunnen antwoorden. ‘Dat is een retorische vraag, neem ik aan?’
Irenka sloeg haar ogen neer. ‘Het spijt me. Dat had ik moeten bedenken.’
‘Geeft niet,’ mompelde hij en ademde voorzichtig iets dieper in. Opnieuw stuiterde de pijn tegen de binnenkant van zijn schedel, maar het werd wonder boven wonder iets draaglijker. Raakte hij eraan gewend of nam het echt af? Hij hoopte het op het laatste, maar gokte op het eerste.
‘Weet je,’ mompelde Irenka zonder hem aan te kijken, ‘ik had nooit gedacht dat je het zo lang vol zou houden.’
Ze klonk beschaamd, alsof ze zich geneerde omdat ze aan hem getwijfeld had, maar Bill glimlachte zelfs even. ‘Ik ook niet.’
Irenka gluurde naar hem vanonder haar wimpers en lachte aarzelend terug. Bill voelde zich alsof hij in een Hollywoodfilm was beland. Ontvoering, zware verwonding, bijna-dood, en middenin de miserie een zoenscène. Dáár waren ze nu.
Jammer voor Hollywood draaide Irenka zich van hem af en brulde naar Kerkhoftrui: ‘Hij moet écht naar het ziekenhuis!’
‘Laat hem met rust!’ kwam het enigszins verveelde antwoord. ‘Hij overleeft zo’n schram heus wel!’
‘SCHRAM?!’ gilde Irenka, twee octaven hoger dan gezond was. Ze streek heel even met haar vingers langs het geïmproviseerde verband en de pijn schoot als een blikseminslag door Bills lichaam. Hij schreeuwde het uit, kon de kreet onmogelijk binnenhouden. Even zag hij niets anders dan sterretjes; daarna klaarde zijn zicht weer op en hij zag nog net Irenka’s geluidloze verontschuldiging.
Kerkhoftrui deed zijn mond al open om Irenka van repliek te dienen, toen Alexej plots dwars door de discussie sprong en zijn pistool trok. Hij vuurde – de kogel drong zich diep in het vermolmde hout van de deur. Ondertussen riep Alexej iets in het Pools wat Bill niet verstond, maar Irenka vertaalde met trillende stem: ‘Hij zegt dat er iemand buiten is!’
Baardmans, Kerkhoftrui en Alexej reageerden onmiddellijk op de ontdekking. De eerste verdween achter het schot, Alexej sprintte naar de deur en Kerkhoftrui greep zijn eigen pistool. Irenka en Bill wisselden een verbijsterde blik. In één ogenblik was de sfeer omgeslagen van redelijk bedaard naar chaos.
Alexej stak heel even zijn hoofd naar buiten, maar trok zich meteen weer terug en vloekte hartgrondig. Irenka’s ogen werden enorm groot en al het bloed trok weg uit haar gezicht. ‘Hij zegt dat de politie staat!’
In Bills binnenste laaide een nieuw vuur op. Hoop, eindelijk weer hoop. Misschien zou hij morgen wel gewoon weer thuis zijn!
Kerkhoftrui dook plotseling naast hem op en greep hem bij zijn goede schouder. Het koude ijzer van het pistool drukte hard tegen Bills kin. Zacht gesis klonk in zijn oor. ‘Eén beweging en je bent dood, begrepen?’
Misschien zou hij morgen wel gewoon dood zijn.
Alexej keek om en kreeg een knikje van zijn baas. Hij greep de deurklink beet, hield heel even in en gooide toen met één machtige zwaai de deur van de loods open.
Fel zonlicht stroomde de ruimte in. Bill knipperde heftig met zijn ogen, verblind, en hoorde toen de stem van Kerkhoftrui: ‘Eén beweging en jullie nachtegaal is dood!’

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen