Achttien augustus (vervolg)
Lieve Moira,
Je kent me goed genoeg om te begrijpen waarom ik deze brief al minstens twintig keer heb herschreven. Deze kan ook meteen bij het oud papier, want de openingszin slaat nergens op. Je kent me lang genoeg, zou al beter zijn, maar eigenlijk hoort er te staan: Het spijt me.
Het spijt me dat ik je ongelukkig maak.
Het spijt me dat we zo plotseling vertrokken.
Het spijt me dat ik alles onnodig ingewikkeld maak.
Het spijt me dat ik je niet eerder in vertrouwen nam.
Het spijt me dat ik zo’n egoïstische klootzak ben – en nu niet gaan zeggen dat ik het wel meevalt, want het valt niet mee. Het is mijn schuld dat je twijfelt over de verloving, het komt door míjn stomme, egoïstische, puberale, onnadenkende actie.
Ik had ’t niet moeten doen. Alleen – ik heb ook weer géen spijt, begrijp je? Ik ren niet rond door Europa om alle meisjes die ik tegenkom uit te sten. Ik meen het als ik iemand kus.
Dit is misschien wel de slechtst getimede, meest irrealistische, beroerdst verwoorde liefdesverklaring in de geschiedenis van de mensheid, maar je weet ondertussen hoe onhandig, ontactvol en onvolwassen ik ben – het is de enige liefdesverklaring die ik voor je heb.
Ik ratel. Eigenlijk wou ik een kort briefje schrijven, met alleen uitleg over ons vertrek, en nu zit ik bij liefdesverklaringen. Het lijkt wel een dagboek. Ik heb dit in m’n hoofd zo vaak tegen je gezegd, op allerlei manieren, allemaal veel romantischer dan deze mislukte brief. In mijn hoofd eindigde het ook altijd veel romantischer dan hoe dit waarschijnlijk zal eindigen.
Ik ratel weer. Dit is allemaal bijzaak. Tenminste, wat betreft het originele plan voor deze brief.
We zijn teruggegaan naar Duitsland. Onze beste vriend Andreas heeft een huis in Keulen; hij weet van Tara, dus we gaan eerst naar hem toe. Daarna reizen we waarschijnlijk door naar Loitsche. Ik ben bijna vijf jaar te laat voor de beschuit met muisjes, maar daar doen we in Duitsland toch niet aan en ik denk dat mijn moeder hoe dan ook blij zal zijn met mij, m’n broer en mijn dochter.
Het voelt raar om dat zo op te schrijven.
En ik bazel weer.
We gaan niet alleen terug om mijn moeder en stiefvader eindelijk op de hoogte te stellen. Ik probeer nu eens wat minder egoïstisch te zijn. wat ik het liefste wil, is dat jij gelukkig bent. En aan mij heb je daarin niet veel, dus ik heb besloten dat het beter is als ik er niet meer ben om je ongelukkig te maken.
Vandaar.
Wat ik nu eigenlijk wil zeggen maakt het waarschijnlijk niet makkelijker, maar ik ben nu toch al bezig deze brief te verpesten, dus waarom ook niet.
Ik zal je nooit vergeten.
Ik zal je missen.
Ik houd van je.
Bill
Twee trapezeoefeningen door elkaar heen, dat leek nu een betere beschrijving voor het vreemde gedrag van Moira’s hart. Op het laatst schudden haar handen zo hard dat ze Bills brief nauwelijks had kunnen lezen.
Al haar gedachten tuimelden door elkaar heen; van één samenhangend geheel was weinig sprake en Moira meende zelfs af en toe het stemmetje dat in haar achterhoofd woonde te horen.
Ze zijn weg.
Hij houdt van me.
Wat ga je nu doen?
Niet huilen.
Beschuit met muisjes is lekker.
Ik zal hem ook missen.
Andreas woont in Keulen?
Dat kan ik Frits niet aandoen.
Het valt wel mee hoe egoïstisch Bill is.
Wie is er nou puberaal?
Wat zit er in dat doosje?
Ik vraag me af hoe zijn moeder zal reageren.
Ho. Wacht. Stop! Terugspoelen. Wat zit er in dat doosje? Ze hadden vast niet voor de lol een kartonnen doos in Nijntjespapier verpakt, er moest iets achter zitten. Of eigenlijk inzitten. Gott, die was flauw.
Moira legde de brief opzij en nam de kartonnen doos. Nu pas merkte ze dat Frits haar aan de andere kant van de salontafel zat aan te staren. Ze blikte wat nerveus terug, trok één wenkbrauw terug en besefte dat ze dat van Bill had overgenomen. Oh, verdammt noch mal!
En dat ook, zei het stemmetje in haar achterhoofd. Kop dicht, gromde Moira terug. Ze moest sterk zijn, niet sentimenteel worden. Doe die doos dan open, zei het stemmetje pesterig.
Woest rukte Moira het deksel van de kartonnen doos. Onmiddellijk verstarde ze in haar bewegingen. Met enorme ogen van ongeloof draaide ze de doos ondersteboven en liet de inhoud op haar schoot vallen.
Ook Frits versteende onmiddellijk, ze hoorde hem naar adem snakken en vervolgens langzaam uitblazen. Zijn adem ontsnapte pieperig aan zijn lippen, een geluid tussen fluiten en zuchten in.
Op Moira’s schoot lag iets dat verbazingwekkend veel weg had van een veel mishandelde, gestoffeerde wc-rol met oren.
Konijn.
Reageer (2)
super cute
1 decennium geleden
1 decennium geledensuper mooi(H)