Foto bij To tell the king of Rhye he's lost his throne

Ik schiet recht. Ik was blijkbaar in slaap gevallen. Het is donker in mijn kamer. Dat wil zeggen dat het buiten avond of zelfs nacht is en dat iemand het licht op de kamer heeft uitgedaan. Ik rek me een beetje uit. Mijn ogen passen zich aan, aan de duisternis. Ik sta op en ga naar de deur. Ik ga naar beneden waar ik enkele van mijn nieuwe gedwongen vrienden zie, mijn huisgenootjes. Ellen en Jasper zijn er, ook enkelen die ik nog niet ken. Ze hangen en liggen in de zetels naar de tv te kijken. Even aarzel ik. Ik vraag me af of ik er wel gewoon bij mag komen zitten. Ik ken ze nog helemaal niet en misschien mag ik niet eens bij hen komen zitten.

Jasper merkt me op en wenkt me naar de lege plaats naast hem. Ik glimlach zwakjes en ga naast hem zitten. Ik probeer me op de tv te concentreren. Het lukt niet nochtans ik hard probeer. Het is een één of andere Amerikaanse serie. Zover kom ik. Het lukt me gewoon niet om me op het scherm te concentreren. Het is om hoofdpijn van te krijgen. Ik wend mijn ogen af en trek mijn benen op de bank. Jasper heeft het door dat ik niet volg. Hij kijkt me met en veelbetekende blik aan. Ik schud met een vriendelijke glimlach ‘nee’. Het is niet erg. Het zal de vermoeidheid zijn. Onverwacht trekt hij aan mijn schouder naar zich toe en geeft me een knuffel. Verbaasd kijk ik hem aan, maar ik laat me doen. Ik vind het niet erg. In tegendeel, het voelt vertrouwelijk en geruststellend aan. Ik wend mijn ogen weer richting de tv en Jasper legt zijn hoofd op de mijne terwijl hij me nog steeds vast heeft. Hij kijkt weer tv.

Ik zou miljoenen willen betalen om zoals nu in de armen van Joren te liggen. Maar in deze situatie zou ik zijn lichaam niet eens kunnen voelen. Hij weet geeneens dat ik er ben. We voelen elkaar niet. Toch maakt deze innige omhelzing van Jasper veel goed. Het is allemaal vriendelijk bedoeld en ik ben er blij mee dat ik hem ken. Ik kan me niet voorstellen dat hij zo’n bad guy was. Hoe hij mij behandeld en hoe onzeker hij soms overkwam. Je zou niet geloven dat hij een slecht persoon zou zijn.

Ik nestel me dieper in zijn omhelzing. Ik kan toch geen tv kijken dus ik sluit mijn ogen. Het is zo warm. Ik lig zo lekker. Het zal niet lang duren voor ik in slaap ga vallen. Ik vind het niet eens erg dat ik in slaap zou vallen. Normaal zou ik me daarvoor generen, maar Jaspers omhelzing voelt zo vertrouwd aan. Het is een gekke dag geweest. Ik zal waarschijnlijk gewoon moe zijn.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen