Glinsters Hongerspelen - Hoofdstuk 3

HOOFDSTUK 3
Ik wordt wakker van het getik van Delilahs hakken die tikken op de vloer van de trein.
“Glinster,” roept ze, “Glinster, waar zit je?” Haar stem brengt me terug in de werkelijkheid. Ik zit dus echt in die trein. Het was geen droom. Ik zit echt in de trein die mij naar het Capitool brengt waar ik klaar wordt gemaakt om daarna achteloos vermoord te worden. Ik kijk op de wekker die naast mijn bed staat. Ik heb maar een uur geslapen. Dan zal het nog zo’n drie uur zijn tot we in het Capitool zijn.
“Glinster!” Delilah loopt mijn kamer binnen. “Glinster! Kom, iedereen zit al klaar om te eten en jij… Jij gaat slapen? Kom gauw mee!”
Ik wordt helemaal zenuwachtig van dat mens, dus ik spring uit het bed en kleed me aan.
“Dus,” verbreekt Kasjmier de stilte, “vertel eens. Waar zijn jullie goed in wat van pas zou kunnen komen?”
Wonder springt meteen op. “Ik kan speerwerpen, en worstelen, en ik kan grote vallen maken waar ik mensen mee kan vangen!” Hij kijkt Kasjmier zelfvoldaan aan, net alsof die hem in een keer helemaal geweldig zou vinden omdat hij drie dingetjes kan die bijna iedereen uit District 1 kan. Juist.
Kasjmier kijkt me aan. “En jij, Glinster?”
Ik weet het niet… ik was nooit zoals de andere kinderen uit District 1. Zij wilden allemaal maar wat graag met wapens om leren gaan, ik vlocht liever Glitters haren, naaide kleren voor haar en maakte sieraden van de juwelen die mijn vader uit de fabriek stal. Maar ik moest toch altijd naar de trainingen.
“Ik eh… kan een beetje boogschieten… en snel rennen…”
“Nou, dat boogschieten en rennen kan wel degelijk van pas komen,” meent Kasjmier. Ik hoop maar da ze gelijk heeft.
“Weet je wat?” zegt Gloss terwijl hij opstaat, “laten we naar de andere boetes gaan kijken.”
We staan op en lopen naar de televisieruimte. Als eerste laten ze ons district zien. Ik zie hoe Delilah mijn naam voorleest en hoe ik me daarna bibberig naar het podium begeef. Hoe Wonders naam wordt voorgelezen. Er wordt ingezoomd op zijn triomfantelijke gezicht. Hij is waarschijnlijk nu al zeker dat hij gaat winnen.
Ik kijk opzij naar Wonder en zie zijn gezicht betrekken als er op tv een enorme jongen uit District 2 zich naar voren stort en zich aanbiedt als vrijwillige tribuut. Zo te zien is Wonder niet de enige die zeker is van de overwinning. De tributen uit 3 en 4 zien er niet zo kans hebbend uit. Ze zijn klein, en erg sterk zien ze er ook niet uit. De tributen uit 4 zitten net zo goed in de Beroepstroep, zoals wij. Wat zegt dat over onze kansen? In District 5 wordt een meisje met een rood haar naar voren geroepen. Ze ziet er sluw uit. Wat zijn haar kansen? De districten 6 tot 10 gaan aan me voorbij. Geen van de tributen kan ik me nog herinneren. Dan, in District 11 roepen ze een meisje genaamd Rue naar voren. Ze is twaalf jaar. Ik krijg er tranen van in mijn ogen. Ze ziet er zo klein en kwetsbaar uit. Zij heeft niet eens een kans om te winnen! En al zeker niet nu ik zie wat voor jongen er naar voren wordt geroepen in 11. Ook al zo’n enorme vent met massa’s spieren. Misschien moeten we hem maar bij de beroepstroep aansluiten. Dan kan hij de zwakheid van de tributen uit 4 nog enigszins compenseren. Ik word opgeschrikt uit mijn gedachten als iedereen in een keer begint te lachen. Ik zie op het scherm nog net hoe de begeleidster van District 12 de mentor van de tributen uit 12 wegduwt en haar pruik weer rechtzet nadat de mentor haar heeft omhelst. Haymitch was geloof ik zijn naam. Hij is er al jaren. En hij is al jaren dronken. Dan loopt de begeleidster van 12 naar de boetebol van de meisjes. En graait. En graait. En graait.
“Primrose Everdeen!” schalt haar stem over het plein. En dan is er opeens een doodse stilte. Een klein twaalfjarig meisje met twee blonde vlechten schuifelt naar voren. Dan klinkt er een schreeuw. “Prim!” Een meisje van ongeveer mijn leeftijd met zwart haar rent naar voren en schuift Primrose achter haar. “Ik bied me aan,” zegt ze, “ik bied me aan als tribuut!”
Ik word opeens overspoeld met bewondering voor haar. Ze heeft net iets gedaan, wat ik waarschijnlijk nooit gedurfd had als Glitter getrokken zou worden.
“Hoe heet jij?” vraagt de District 12 begeleidster. “Katniss Everdeen” antwoordt het meisje zacht. Katniss Everdeen… De naam galmt door mijn hoofd. Een mooie naam. Katniss… Plotseling word ik bang. Niet voor Katniss, maar voor het feit dat ze Primrose moet achterlaten als zij sterft. En op deze manier… Dat moet verschrikkelijk zijn.
Weer begint iedereen te lachen. De mentor van District 12 is van het podium gevallen. Ik krijg echt medelijden met Katniss. Haar zusje zo moeten achterlaten en dan met zo’n mentor de Hongerspelen moeten zien te overleven…
Ik laat mijn gedachten niet merken aan de rest en lach mee. Dan trekt de begeleidster de jongensnaam. “Peeta Mellark!” Ik zie het gezicht van Katniss betrekken, en er staat een soort angst in haar ogen. Maar… waarom?
Er zijn nog geen reacties.