Chapitre 16

Gearmd komen we de hal binnengelopen. God, wat zijn er veel mensen. Ik kijk even naar Sergei. Hij is zo te zien ook erg nerveus. De tsaar zit op zijn troon. Iedereen kijkt naar ons. Het liefste draai ik me nu meteen om en ga terug naar mijn kamer. Maar dat kan ik niet maken. Ik weet hoeveel dit voor Sergei betekent, dus ik laat hem nu niet zitten. Hopelijk is het gauw voorbij. Voor de troon staan twee stoelen. Waarschijnlijk voor ons. Daar moeten we natuurlijk gaan zitten. We komen aan bij de troon. De tsaar gebaart dat we op de stoelen moeten gaan zitten. We gaan zitten en wachten af. Wat gaat er nu gebeuren? De tsaar staat op. 'Vandaag is een belangrijke dag voor Rusland. Mijn zoon, Tsarevitsj Sergei, is teruggekeerd.' Het is onaangenaam stil. Laat het gauw voorbij zijn. 'Jaren heeft hij geleefd als Sergei Stanislav. Maar vandaag is dat voorbij. Hij zal sterven.' Wat? Sterven? Dat kan hij niet menen! Vanuit mijn ogenhoeken kijk ik naar Sergei. Zo te zien is hij harstikke nerveus. 'Ja, mensen. En als Sergei Stanislav is gestorven, zal Sergei Romanov opnieuw worden geboren.' Gelukkig, het was maar figuurlijk bedoelt. De tsaar loopt naar Sergei toe. 'Sta op,' zegt hij. Langzaam staat Sergei op. 'Sergei, ben je bereid om opnieuw geboren te worden, als eervol lid van de Romanov Familie?' vraagt de tsaar hem. 'Ja, daar ben ik toe bereid,' antwoord Sergei kalm. 'Ben je bereid om je tot het uiterste in te zetten, in het belang van het volk en Rusland?' 'Ja, daar ben ik toe bereid.' Mijn handen voelen zweterig aan. Ik probeer ze zo onzichtbaar mogelijk te drogen. 'Beloof je plechtig, dat je het geslacht Romanov niet zult beschamen?' 'Dat beloof ik.' Hoelang gaat dit nog duren? De tsaar kijkt opeens naar mij. Oh god, vertel me alsjeblieft niet dat hij gedachten kan lezen. Hij gebaart dat ik op moet staan. Langzaam sta ik op. Vanuit mijn ooghoeken kijk ik naar Sergei. Wat gaat er nu weer gebeuren? 'Sophie Montarue,' begint de tsaar. 'Wil je lid worden van de Romanov familie, en beloof je Sergei trouw te zijn, ongeacht wat de toekomst nog zal brengen?' 'Ja, dat wil ik. Dat beloof ik.' God, hopelijk zet ik mezelf niet te erg voor schut. Opeens hoor ik mensen fluisteren. Het gaat natuurlijk over mij. Dat moet wel. Want ik ben "die Franse". Niet op letten. 'Je bent Rooms Katholiek, niet waar?' Ik knik. 'Ja, Sire.' 'Als je voorgoed deel wilt uitmaken van onze familie, moet je je bekeren tot onze kerk. De Russisch Orthodoxe kerk. Wil je dat?' Het is doodstil. 'Ja, dat wil ik.' Mijn hart klopt in mijn keel. Ik moet weg hier, dit is echt een marteling. 'Pak elkaars hand vast,' zegt de tsaar. Een beetje ongemakkelijk pakken we elkaars hand vast. 'Ik wil dat jullie nu jullie huwelijksgeloften nog eens overdoen. Maar nu voor Rusland.' Dit is echt marteling.
Hehe, het is voorbij. Ik heb miljoenen keren hetzelfde moeten antwoorden, en ben van godsdienst gewisseld. Dat is niet niks. Maar het is nu allemaal geregeld, hoop ik. Nou ja, de tsaar heeft verder niks meer gezegd, dus het zal wel afgehandeld zijn. De baby schopt even. 'Ik weet het, schatje. Het was een vermoeiende dag. Maar het is nu voorbij.' Ik sta op en loop naar de boekenkast. Ik kijk naar de boeken. Welke zal ik nu eens lezen? Ik besluit een dik, groen boek te pakken. Hier ben ik wel even mee bezig. Ik ga weer op de sofa zitten en sla het open. Ik begin te lezen. Ik hoor de deur opengaan. 'Hier ben je.' Ik kijk op. Het is Sergei. 'Was je ergens mee bezig?' vraagt hij. 'Niets belangrijks, nee. Ik wilde net gaan lezen. Is er iets?' Hij gaat naast me op de sofa zitten. 'Nee. Vandaag was wel vermoeiend, vind je ook niet?' Ik knik. Er zit hem iets dwars, volgens mij. 'Wat is er mis, Sergei?' Hij zucht. 'Ik heb net een gesprek met vader gehad. En het ging over Igor.' 'Oh. Wat was daarmee?' 'Nou, hij vroeg me of ik nog van hem hield. Dus ik antwoorde dat ik dat inderdaad nog steeds deed. Hij heeft me tenslotte opgevoed. Maar nu blijkt opeens dat ik hem niet meer mag zien, omdat hij me zou kunnen afleiden van mijn taak als toekomstige tsaar! Wat is dat voor een onzin?' Ik zucht. 'Tsja, de wil van de tsaar is wet.' 'Maar dat kan hij toch niet zomaar doen? Waar is hij bang voor? Dat ik meer van Igor zou houden dan van hem? Ik heb hem gezworen dat ik hem trouw zou zijn. En als ik iets beloof, dan houd ik me daar ook aan.' 'Dat weet ik, Sergei.' 'Wat is het probleem dan?' 'Ik weet het niet. Heb je het hem niet gevraagd?' 'Nee, eigenlijk niet. Hij kan me niet verbieden om Igor te zien. Ik ben een volwassen man, zoiets maak ik zelf wel uit.' 'Hij is nog altijd de tsaar, Sergei. Er zal best wel een reden voor zijn. Vraag het hem gewoon.' Sergei staat op. 'Dat ga ik doen. Hij kan dit niet doen, tsaar of niet.' Hij loopt de kamer uit. Waarom ben ik opeens bang? Hij weet toch wat hij doet? Toch? Nee, niet aan twijfelen. Gewoon doorgaan met lezen. Ik merk meteen dat ik me niet kan concentreren. Ik moet naar hem toe. Wie weet wat hij van plan is. Sergei kan heel impulsief zijn. Ik sta op en loop de kamer uit. Welke kant ging hij ook alweer op? Oh ja, naar rechts. Ik hoor mannen praten en luister even. Ja, het is Sergei. Ik loop naar de deur toe. 'Ik had een vraag, vader.' 'Stel ze maar, mijn zoon.' Ik houd mijn oor tegen de muur gedrukt en wacht in spanning af. 'U vertelde me net dat ik generaal Stanislav niet meer mocht zien.' 'Dat klopt, ja.' 'Nou, mag ik vragen waarom niet? Ik neem aan dat ik volwassen genoeg ben om dat te weten.' Het is stil. Ik hoor niks. Kom op, zeg iets. 'Dat klopt, ja. Het is wel moeilijk om uit te leggen.' 'Ik ben slim, vader. Ik zal het heus wel begrijpen.' Ik hoor iemand opstaan. 'Het was een soort noodoplossing, de adoptie. Je tante wilde me weg hebben.' 'Dat weet ik, vader.' 'Je weet niet het hele verhaal. Ik was 10 toen ik tot tsaar werd gekroond. Mijn halfzuster was uit op de troon. Eerst was mijn broer Fjodor tsaar. Maar hij stierf, opeens. Ik heb geen idee hoe. Dus werd ik op de troon gezet. Maar om toch invloed te hebben, zette mijn zuster ook mijn geestzieke broer Ivan op de troon. We zouden samen regeren. Maar Ivan stierf, en toen kwam alles op mij neer. Ik was net gescheiden, en het was niet makkelijk. Toen jij was geboren, werd Sofia wild. Ze wist dat jij de troonopvolger zou zijn. Ze heeft geprobeerd je te vergiftigen, maar dat is niet gelukt. Ik heb je onder gebracht bij Stanislav. Het was de bedoeling dat je daar zou blijven, totdat het weer rustig was. Na een paar maanden was dat ook zo.' 'Waarom bent u me nooit komen ophalen?' 'Ik wilde wel. Ik heb contact proberen op te nemen met Stanislav, maar hij reageerde niet. Hij verbleef in Moskou. Toen ik daar aankwam, was hij allang met je gevlucht. Ik wist niet waar je was. Ik heb heel Rusland afgezocht, en Europa. Maar ik kon je niet vinden, mijn zoon. Nu ik erover nadenk, misschien was het wat drastisch om te zeggen dat je hem nooit meer mag zien. Ik ben zo kwaad op hem geweest.' 'Bent u dat nu nog steeds?' 'Nee, niet meer. Ik snap het wel. Hij heeft nooit kinderen van zichzelf gehad, maar wilde dat wel. Hij hield van je. En dat kan ik hem niet kwalijk nemen.'
Er zijn nog geen reacties.