Foto bij Chapitre 12

Die avond

Sergei is nog steeds niet terug. Waar blijft hij nou? Ik lig al in bed, maar ik ben nog klaarwakker. Ik moet rustig blijven, voor de baby. De deur gaat open. Sergei komt binnen. Meteen sta ik op en loop naar hem toe. 'Hoe ging het? Wat heeft hij gezegd? Is hij echt je vader?' Sergei omhelst me, uit het niets. 'Je hebt geen idee hoe dankbaar ik je ben.' Mijn voeten zweven een stukje boven de grond. Ik moet lachen. 'Is hij het echt?' vraag ik hem. Sergei knikt. 'Ja, het is hem. Hij is mijn vader. Mijn echte vader.' We lopen naar het bed en gaan erop zitten. 'Wat is er gebeurd? Waar hebben jullie het over gehad?' Sergei pakt mijn handen vast. 'Over zoveel dingen. Zodra we het zeker wisten van elkaar, hebben we elkaar eerst gewoon vastgehouden. Zeker een kwartier lang. En ik heb moeten huilen. Niet normaal. Maar ik kon het niet helpen. Ik voelde me gewoon zo gelukkig. Net zo gelukkig als toen ik jou voor de allereerste keer zag.' Ik moet blozen. 'Dat zeg je maar.' Hij kust me zachtjes op mijn mond. 'Is dat zo?' Ik druk een kusje op zijn voorhoofd. 'Genoeg daarover. Hoe ging het verder?' Hij gaat weer recht zitten. 'Daarna hebben we gepraat. Over het verleden. Hij heeft me uitgelegd wat er was gebeurd, waarom hij me moest laten adopteren. Het was namelijk zo: zijn zus wilde de macht grijpen, door mij te vermoorden.' Geschokt kijk ik hem aan. 'Echt waar?' Sergei knikt.
Ik lig op mijn zij. Ik sta op het punt om in slaap te vallen. Ik sluit mijn ogen en zucht. Ik wil slapen, zo graag. 'Sophie?' Niet weer. Ik zucht en doe net alsof ik slaap. 'Sophie?' hoor ik weer. Niet op reageren, je bent aan het slapen. 'Sophie, moet je horen.' Kan hij zijn mond nou niet even horen. Hij begint aan me te duwen. 'Sophie, wakker worden.' Ik zucht en draai me om. 'Wat is er?' bijt ik hem toe. 'Ik moet je wat vertellen.' 'Het is 1 uur, Sergei. Doe dat morgen maar. Ik ga slapen.' Ik draai me weer om en probeer te slapen. 'Maar het is heel belangrijk. Ik ga naar Rusland. Meteen ben ik klaarwakker. Ik draai me om en kijk hem aan. 'Je gaat naar Rusland? Voor hoelang dan?' 'Nou, als het goed is, voor altijd.' 'Voor altijd? En hoe zit het dan met de baby? En met mij?' 'Hoezo, ga je niet mee dan?' Een grote last valt van me af. Gelukkig, ik kan mee. 'Tuurlijk ga ik mee. Sorry, ik dacht dat je alleen zou gaan.' Sergei kijkt me verbaasd aan. 'Alleen? Natuurlijk niet. Je bent mijn vrouw, Sophie. Je gaat gewoon met me mee.' Ik kruip dicht tegen hem aan. 'Gelukkig maar.' Hij houdt mijn hand vast. 'Nee, dat zou vader ook niet toestaan. Hij zei zelf al: een tsaar zonder tsarina, is geen echte tsaar.' Ik grinnik zachtjes. 'Nou, als de tsaar het zelf zegt, dan moeten we maar naar hem luisteren, vind je ook niet?' Hij moet lachen en knikt. 'Ja. Goh, mijn vader en ik hebben nog zoveel tijd met elkaar in te halen. En ik kan niet geloven dat ik ooit tsaar zal zijn. Mijn vader is een groot man, weet je.' 'Ja, wat wil je met iemand die langer als 2 meter is?' 'Zo bedoel ik het niet, schatje. Mijn vader heeft het rijk flink uitgebreid. Hij heeft het land echt op de kaart gezet.' Ik knik begrijpend. 'Eerst was het alleen Moskovië. En nu is het zeker 20 keer zo groot. Dan moet je toch wel een goed strateeg zijn, vind je ook niet?' Ik knik. 'Ja, zelfs Lodewijk heeft niet zoveel gebied. Laat staan Engeland.' Bah, ik haat Engeland. Dat komt waarschijnlijk omdat ik Frans ben. De meeste Fransen haten Engeland. 'Mijn vader zei anders dat wel dat Frankrijk nou net een van die landen waren die hij niet vertrouwt, en Engeland juist wel.' 'Je meent het? Nou, dan is het misschien niet zo'n goed idee voor mij om tsarina te worden.' Sergei moet lachen. 'Maak je daar maar geen zorgen over. Vader vond je eerste indruk wel goed. Hij zei dat je hem een lieve vrouw leek, die te vertrouwen was.' 'Gelukkig maar. Dat zou er ook nog bij moeten komen.' 'Ach Sophie, maak je daar maar niet druk om. Ik weet zeker dat het volk van je zal houden. Oké, misschien niet meteen, dat geef ik toe. Maar de meerderheid zal wel bijdraaien. Gewoon wat projecten met de armen doen, dan komt het wel goed. Een weeshuis oprichten, of een keer meehelpen met soep uitdelen. Dat vinden de meesten al geweldig. Dat doet mijn vader ook. Daarom zijn de mensen zo gek op hem.' Ik zucht en pak zijn hand vast. 'Wat denk je? Zie je jezelf al een rijk regeren?' 'Nee, niet echt. Maar veel keus heb ik niet. Ik ben de troonopvolger, dus ik zal wel moeten, denk je niet?' Ik knik. Hij heeft gelijk. Je laat je familie niet in de steek. Zoiets doe je gewoon niet.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen