Foto bij Chapitre 2

plaatje ben jij

reacties?

Ik kom aan in de Spiegelzaal. Ik zie mijn vader al staan, met de generaal en zijn zoon. Zo, hij ziet er wel goed uit. Hij heeft donker haar, en grijze ogen. Dit kan nog best wel leuk worden. Mijn vader draait zich om. 'Ah, Sophie. Daar ben je al. Kom erbij.' Ik loop naar mijn vader toe. Sergei en zijn vader kijken me aan. 'Dit is mijn beeldschone dochter, Sophie.' Ik steek mijn hand uit. 'Het is een eer om u te ontmoeten, Generaal Stanislav.' De generaal knikt en kust mijn hand. 'Aangenaam kennis te maken, madame Sophie.' Ik wend me tot Sergei. 'Sophie Montarue, aangenaam.' Ik steek weer mijn hand uit. Sergei neemt hem aan en strijkt er zachtjes met zijn lippen over. Ik voel dat ik kippenvel krijg. 'Sergei Stanislav. Het is een eer om in het bijzijn te zijn, van zo'n beeldschone jongedame.' Ik begin te blozen. 'Dank u,' mompel ik verlegen, waarna ik meteen door mijn vader gecorrigeerd wordt. Natuurlijk, mompelen is niet beleefd. 'Heeft u een prettige reis gehad?' vraagt mijn vader aan de generaal. 'Ja hoor, niks te klagen.' 'Sophie,' begint mijn vader. 'Waarom laat je Sergei niet de tuin zien?' Ik knik, ik begrijp de hint. 'Natuurlijk vader. Als u me wilt vergezellen?' Sergei geeft me zijn arm en we lopen naar buiten, de tuin in.
'En dit, is het Grand Trianon.' Hij kijkt rond. 'Erg indrukwekkend allemaal. Hoe oud was je ook al weer?' '20,' antwoord ik. We gaan op een bankje zitten. God, dat korset zit echt veel te strak. Ik krijg nauwelijks lucht. Nou ja, niet laten merken. 'Vertel eens wat over jezelf,' zegt Sergei. 'Wat zijn bijvoorbeeld je hobbies?' Ik neem even een teug lucht. 'Ehm, vanalles. Lezen, bijvoorbeeld. En dansen, vind ik ook wel leuk. Ik speel piano, en een beetje viool. Niet goed, ik ben pas begonnen.' 'Met viool?' vraagt hij. Ik knik. 'Ja. Piano speel ik al vanaf mijn 4de.' 'En wat voor boeken lees je dan vooral?' 'Vanalles. Vooral leerboeken, eigenlijk. En van oude schrijvers, zoals Homerus. Ik ben gek op de Klassieke Oudheid.' 'Je bent dus een dame met vele interesses. Dat vind ik wel wat. En je bent muzikaal.' 'Nou, ik noem mezelf geen muzikaal genie. Absoluut niet.' Ik begin harder te wapperen met mijn waaier. Ik ga dadelijk flauwvallen. Maar dat mag niet. Dan zal hij op me afknappen. Ik ben net zo goed bezig. Hij komt opeens dichterbij. Huh? Wat is hij van plan? Ik deins onbewust iets achteruit. 'Ehm, vertel eens over jouw rijk. Hoe ziet het eruit?' vraag ik snel. Hij gaat weer recht zitten. 'Nou, het ligt eraan waar je bent. Ik woon in Oostenrijk, in Wenen. En het is er prachtig. Er is veel bos, en veel bergen.' 'Wat mooi.' 'Ja, dat is het inderdaad. Als je meer richting het westen gaat, kom je in Pruisen, en uiteindelijk in de Gewesten. In Brabant, Holland, die streken. Verschrikkelijk, als ik zo vrij mag zijn. De mensen die er wonen, zijn heel oppervlakkig. Ik ben er geen fan van.' 'Dat begrijp ik. Ik vind niets zo erg als mensen die altijd en overal commentaar op moeten geven.' Sergei knikt. 'Dat ben ik met je eens. Weet je, ik ben heel kieskeurig wat betreft vrouwen. Ik houd van een vrouw met inhoud. Ik wil er ook een fatsoenlijk gesprek mee kunnen voeren. Dat past ook meer bij mijn titel, vind ik. Als mijn vader met pensioen gaat, word ik generaal. Ik ben nu luitenant-generaal. Mijn vader heeft me onderaan laten beginnen. Net zoals hij zelf is begonnen.' 'En zijn vader dan? Heeft hij hem niet...' Hij schudt zijn hoofd. 'Mijn grootvader was een van de laatste horigen. Mijn familie bezit geen enkele adelijke titel. Wij hebben deze dingen bereikt door hard te werken.' 'Ik heb ook geen adelijke titel. Net als mijn vader. Daarom doen de andere dames aan het hof best wel minachtend tegen me. Mijn vader daarentegen, is voor hen een god. Maar dat ligt zo. Ze zijn allemaal al wat ouder, maar niet getrouwd. En dat willen ze wel, en wel met mijn vader. Maar voor mijn vader bestaat er alleen zijn werk. En ik.' 'Ik heb geweldige verhalen over je vader gehoord.' 'Ja, hij is ook best een goede generaal.' 'Dat lijkt mij ook.' Ik begin opeens sneller te ademen. Ik heb lucht nodig, en snel. 'Gaat het wel?' vraagt Sergei. Ik knik. 'Ja hoor, het gaat prima.' Ik sta op, veel te snel. De wereld draait voor mijn ogen. Sergei staat ook op en pakt me vast. 'Oh god, Sophie. Wat is er mis?' Ik moet het hem zeggen. Dadelijk val ik flauw. 'Ik krijg geen lucht meer...Mijn korset...' 'Wacht maar, dan maak ik het los. Kun je staan?' Ik knik. 'Ja, dat gaat wel.' Hij gaat achter me staan en begint te frunniken. Af en toe hoor ik hem vloeken. 'Wacht, ik snijd het door.' Hij pakt een mes en even later snijdt hij het door. Mijn korset valt op de grond. Gelukkig... Opgelucht haal ik adem. Ik neem een flinke hap lucht en hijg uit. Sergei heeft me stevig vast. 'Gaat het weer een beetje?' vraagt hij. Ik knik. 'Ja, het gaat wel.' Sergei bukt zich en raapt het korset op. 'Alsjeblieft.' Ik neem het aan. 'Bedankt. Als jij er niet was geweest, was ik waarschijnlijk flauw gevallen.' Hij grinnikt even. Dan komt hij dichterbij en drukt een kus op mijn voorhoofd. 'Het was geen moeite, Sophie.' Hij bergt zijn mes op en loopt terug naar het paleis, mij verbaasd achterlatend.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen