When you can live forever, where do you live for? - 2

Ik lig rustig op de grond een of ander boek te lezen. Ik heb eigenlijk geen idee wat ik aan het lezen ben, maar dat doet er niet toe. Ik ben aan het denken… denken over de toekomst. Hoe zal het zijn binnen een paar jaar? Zal ik ooit m’n liefde vinden? Zal ik ooit gelukkig zijn mét iemand? Ik zucht en klap de boek dicht. Waarom wilt Kim die vragen toch niet beantwoorden? Ja, zij heeft de gave gekregen om in de toekomst te kijken. Maar zodra de mensen van route veranderen, verandert ook heel de toekomst. Het heeft dus z’n voor en z’n nadelen… Net zoals bij mij. Ik kan gedachten lezen… érg handig, als je wilt weten wat de anderen denken. Maar soms vraag je je af of ze het denken of het écht zeggen… ja, zoiets heeft ook voor én nadelen.
‘Waar zijn we? Ik snap het niet… Tom wist de weg toch? Waarom zijn we dan verdwaald? Jeezes, eikel! Doe dan toch iets? Nee, hij loopt hierbij alsof hij dood is.’ Hoor ik iemand denken. Er is iemand op komst… iemand komt onze richting uit! Ik loop meteen naar Kim. “Kim, waar ben je?” “Kamer!” “Oh, hierzo… Ehm, ik voel dat er iemand op weg is naar hier.” “Hoezo?” “Ja… ik hoor iemand denken. Ze zijn verdwaald en lopen hier ergens in het bos… kan jij zien waar ze heen gaan?” Ze knikt rustig en sluit haar ogen. “Papier…” Zegt ze met haar ogen gesloten. Rap geef ik haar pen en papier… Ze begint als een gek te tekenen en al rap zie ik wat er gaande is. Twee jongens, eentje met een geweldige bos haar en de andere met dreadlocks. Allebei lijken ze hard op elkaar. Een tweeling? Is een mogelijkheid. Kim gaat, met haar ogen gesloten voor het raam staat. Ze ademt heel diep in en kijkt me sluw aan. Ze maakt haar tanden bloot en grijnst gemeen… “Voedsel!”
Reageer (3)
Verdaaa<'3
1 decennium geleden
1 decennium geledenwoooow! kind, snel verderr
1 decennium geledenxxx