5. Het Vertrek
Rudi werd wakker. Hij dacht na over de reis. Wat moest hij doen? Moest hij nou mee gaan, of moest hij tegen zijn vrienden zeggen dat hij te bang was? Hij wilde ze niet graag teleurstellen, en Zev had zo veel voor hem gedaan, hij had altijd de pestkoppen weggejaagd. Rudi vond dat hij wel eens wat terug kon doen. En hoe moest hij dit aan zijn ouders vertellen? Zo bleef hij maar twijfelen en twijfelen, en langzaam begon er een idee te komen.
Cera had veel zin te gaan, want ze vond een reis wel leuk. Ze pakte haar tas zo goed mogelijk in, met eten, kleren, lucifers en andere handige spullen. Maar toen haar ouders haar riepen voor het ontbijt, bedacht ze dat ook nog een smoesje moest hebben om weg te blijven...
Zev had moeite met inpakken. Moest hij nou wel of niet een pyjama meenemen? Zouden Cera of Rudi al aan lucifers gedacht hebben? En zou het slim zijn om zijn lievelingsknuffel in te pakken? Hij had het de dag ervoor al aan zijn ouders verteld. Zijn ouders wisten natuurlijk dat hij een weerwolf was en hadden alvast terwijl hij sliep wat voor hem ingepakt.
Vroeg in de morgen kwamen de drie vrienden bij elkaar op Zevs stoep. "Hoe zijn jullie van jullie ouders ontsnapt?" vroeg Zev. "Ik heb aan mijn ouders gevraagd of ik een weekje bij jou mocht slapen," zei Cera, "Dat vonden ze goed." "Ik heb hetzelfde gedaan," zei Rudi. "Maar ik weet helemaal niet of het een week gaat duren," zei Zev, "Ik denk dat het wel langer duurt, jongens." "Ach, het zal wel," zei Cera. "Oh," zei Rudi met een angstig gezicht. "Nou, laten we nu maar op pad gaan," zei Zev, "anders duurt het nóg langer." En onze drie vrienden gingen weg, op een gevaarlijke reis...
Reageer (2)
Dat wordt spannend!
1 decennium geledenSnel verder!
Spanneeend! Snel weer verder schrijven hoor!
1 decennium geleden