~Hoofdstuk 1~

"Soeki, je bent weer aan het dagdromen!" zei haar vriendin
Senna. "Huh,wat?" vroeg Soeki verward aan haar vriendin. Senna schoot in de lach. "Aan het werk!" riep een boze stem achter hun. Snel gingen de meiden verder met de vloer boennen. De meiden keken elkaar lachend aan terwijl ze in stiltte verder gingen met hun werk. Maar al gauw was Soeki aan het dagdromen. Soeki schrok toen de keukendeur met een klap open ging. De grote dikke kok Murrf kwam binnen gelopen. "Dag meiden." zei hij vrolijk. Murrf was altijd vrolijk, een van de aardigst meesters van het paleis. "Goededag meneer." antwoorden de meisjes beleefd. Murrf begon vrolijk te vertellen over het eten dat hij vanavond ging maken.
Soeki was blij dat haar meester Murrf was en niet juffrouw Eye. Senna,s meesteres was juffrouw Eye. Als Senna iets niet goed deed kreeg ze klappen. Murrf sloeg nooit. Vaak lag Senna s'nachts te huilen in bed. Maar nooit kon Soeki haar troosten. Als ze eindelijk sliep kreeg ze nachtmerries en begon ze te schreeuwen. Senna heeft Soeki nooit verteld hoe ze in de geestenwereld terecht kwam en ook niet waarom ze een slavin is geworden. Soeki had het haar ook nooit verteld waarom ze een slavin is geworden. Soeki was een slavin geworden omdat ze nergens terecht kon. Niemand in haar familie was in de geestenwereld en niemand wilde voor haar zorgen. Soeki wist waarom niemand voor haar wou zorgen. Ze had bloedrood haar en grijsrode ogen. Iedereen dacht dat ze ziek was.
Behalve Murrf, die vond haar bijzonder. Ze weet nog de eerst keer dat ze op de markt stond.
Soeki keek om zich heen. Ze was net als de rest vast geketend aan haar voeten en handen. Ze stonden op een grote poduim. Er liep een man heen
en weer te schreeuwen. "Slaven, hier moet u zijn voor slaven" riep de man. Af en toe stopt hij met schreeuwen om met mannen en vrouwen te praten. De man liep naar Soeki toe en pakt haar arm beet en sleurde haar mee naar een mevrouw. Onhandig liep ze mee. De man en de vrouw begonnen te overleggen. "Wat kan ze?" vroeg de vrouw. "Alles wat u ze opdraagt" zei de man. De vrouw bekeek haar van top tot teen. "Ze heeft sterk benen, mooi rond figuur." zei de man weer in een poging om de vrouw te overtuigen. "Nee, ik neem haar niet, ik kom morgen wel weer terug." Met die woorden vertrok de vrouw. Boos sleurde de man Soeki terug naar haar plaats. Verder die dag gingen het zo. Niemand wou haar. Als dat zo door ging moest ze in een steenmijn gaan werken. Soeki ving een gesprek met haar verkoper op en een andere man. "Nee, ik ben niet gek, ze heeft bloedrood haar! Dadelijk vermoordt ze me nog." Met die woorden vertrok weer een klant. Elke keer ging het zo, haar haar was het probleem. Toen de markt bijna ging sluiten zag ze voor het eerst Murrf en juffrouw Eye. Ze bekeken Soeki aandachtig. Juffrouw Eye wou al door lopen maar Murrf ging praten met de verkoper. Na een paar minuten gaven de mannen elkaar lachend de hand. De verkoper maakt Soeki los van de kettingen en gaf Soeki aan Murrf. Murrf stelden zich vriendelijk voor maar juffrouw Eye was heel bot en liep meteen 5 meter voor hun uit. Murrf vertelden wat er van haar verwacht werd en waar ze heen gingen.
De eerste dagen waren verschrikkelk. Ze moest er erg aan wennen dat ze een geest was geworden. Nou, vooral er aan dat ze nog wel leefde maar niet in de mensen wereld. Ze miste haar moeder, vader en haar pas geboren broertje. Haar best vriendinnen waar ze nu nooit meer kon praten. Ze kon bij niemand terecht met haar verhaal. Na een maand wende ze er pas aan. Ze deed de dingen die van haar verwacht werden. Ze zweeg als dat moest en als haar iets gevraagd werd antwoorde ze. Ze had het hier goed. Had vrije dagen, mocht met Senna naar de markt, had een goed bed, werd niet geslagen, genoeg te eten. Soeki was alweer zo erg in haar gedachten verzonken dat ze niet in de gaten had dat de keukendeur open ging.
Er zijn nog geen reacties.