Foto bij Stille wateren hebben diepe gronden

Hij loog dat het barstte natuurlijk, maar hij ging het toch niet toegeven. Dus deed Allison alsof ze hem geloofde.
‘Kom je mee?' vroeg ze glimlachend. ‘Ik was op weg naar een meertje.’
Hij zou zijn eigen stomverbaasde gezicht eens moeten zien. Alsof hij water zag branden. Het was waar dat ze nooit veel zei, maar dat was omdat de kinderen op school gewoon niet interessant waren. De meisjes konden alleen maar giechelen en roddelen, de jongens enkel met een levenloze blik (het moest meestal een stoere blik voorstellen) voor zich uit staren, opscheppen, of met elkaar vechten. Daar ging ze haar tijd echt niet aan verspillen.
Luke viel wel mee, hij had wel eens iets tegen haar gezegd. Niet dat ze had geantwoord natuurlijk, maar het was wel aardig van hem.
‘Ik?’ vroeg hij stomverbaasd.
Ze zuchtte zogenaamd diep, en wenkte hem mee te komen. ‘Zie je hier nog een andere stomverbaasde idioot staan?’
Zonder op hem te wachten liep ze vooruit. Ze wist zelf ook niet waarom ze hem uitnodigde, maar nu hij haar toch al gevolgd was en de weg wist naar haar paadje, zou hij de rest ook wel vinden. Dan kon ze het hem net zo goed meteen laten zien. (En erover opscheppen natuurlijk.)
Ze hoorde hoe hij achter haar aan liep, en permitteerde zich een blik achterom. Luke keek nog steeds verbaasd, maar glimlachte nu een beetje.
Zeker aan het bedenken wat voor geweldige verhalen hij op school allemaal kon vertellen. Alsof het haar wat kon schelen.


Het meertje waar ze me naar toe leidde was eigenlijk niet meer dan een kleine plas. Hij zag on-middellijk dat het water niet geschikt was voor varen, veel te ondiep.
Hij was dol op varen. Zelf had hij zijn eigen motorbootje, en op een dag zou hij de zeilboot van zijn ouders erven. Hij kon elk apart onderdeel opnoemen, en wist alles van verschillende soorten vaartechnieken af.
Ook zonder erop te varen was het een erg mooi stukje water. Het werd omringd door bomen, en Allison was op een van de rotsen aan de kant gaan zitten, pootjebadend met haar voeten.
‘Kom zitten!’ riep ze vanaf haar plekje, en ze klopte op de rots naast haar.
Een beetje aarzelend deed hij wat ze zei. Dit soort rotsen waren uitermate geschikt voor slangen. Hij huiverde.
‘Die zitten hier niet, hoor.’ zei Allison lachend.
‘Wat niet?’ probeerde hij zich van de domme te houden.
‘Slangen.’ Ze glimlachte al haar tanden bloot. ‘Je keek nogal bang.’ gaf ze als uitleg.
‘Oh.’ antwoordde hij. ‘Was ik niet hoor.’
‘Vast.’ Toen begon ze over een ander onderwerp. ‘Ben jij goed in steentjes keilen?’
Luke ging rechtop zitten. ‘Ja,’ antwoordde hij. ‘Ik doe altijd wedstrijdjes met mijn broertje, en ik win altijd.’
‘Wedstrijdje met mij?’
‘Best.’ Hij zou haar eens iets laten zien.
Ze stonden op en Luke ging op zoek naar een goeie steen. Plat, niet al te groot. Daarna keek hij hoe Allison een steen oppakte. Ze maakt geen schijn van kans, dat steentje wat ze na één blik had opgeraapt was veel te klein, dat lukte haar nooit.

Reageer (1)

  • lauraXx

    Of toch wel ^^
    je kan echt heel goed schrijven! :O
    Snel verder <3

    1 decennium geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen