Tokio Hotel is de school aan het bekijken

in die Nacht
*Naledo pov*
Midden in de les komen die vier blanke mannen de klas binnen. Ik ga, net als de rest van de klas, naast mijn tafeltje staan en zeg de groet op. De mannen stellen zichzelf voor. De man met de bal gisteren heet Gustav, die met het lange zwarte haar is Bill en degene met de pet op zijn hoofd is Tom. Als George aan de beurt is, schrikt hij op als uit een droom. Hij stamelt zijn naam, terwijl ik zijn ogen naar mij zie schieten. Na een paar minuten verlaten ze de ruimte weer.
Aan het eind van de dag hebben we handvaardigheid. Ik besluit een kettinkje te maken en meet een touwtje af. Uit een stukje hout maak ik een mini-maskertje. Ik rijg hem samen met twee langwerpige kralen aan het touwtje en zet er een slotje aan. Veilig berg ik hem op in mijn zakje en leg hem onder mijn deken. ’s Avonds zwaaien we met de hele school de blanken uit, die weer teruggaan naar mijn dorp.
Twee dagen later pak ik na de laatste bel mijn spullen en ga op weg naar huis. De zon gaat al bijna onder als ik terugkom in het dorp. Mijn moeder komt naar buiten en geeft me een knuffel. Ik zet mijn spullen in onze hut en loop naar het plein. Het hele dorp heeft zich verzameld om een groot vuur. Ik ga achteraan op een boomstronk zitten en kijk naar de enorme vlammen. Mwai komt uit de menigte en pakt ook een boomstronk. “hey, sis.” ‘hoi.” “wat heb je geleerd?” Mwai is de volgende van ons dorp die naar school gaat. Op zijn 14e mag hij van Wachiru naar de school waar ik nu voor mijn laatste jaar op zit. Hij gaat dan samen met Dumaka (helping hand), die ook 14 wordt. “nog meer Engels en gewoon van alles.” Hij knikt en zwijgend zitten we naast elkaar. Ik merk dat ik moe wordt en besluit naar bed te gaan. Mijn moeder heeft het in de gaten en wijst op Bomani en Enam. Ik hurk naast ze neer en zeg: “komen jullie? Lekker naar bed.” Hun ogen zijn al half dichtgezakt en moe staan ze op. Ik pak ieder bij een hand en met zijn drietjes lopen we naar onze hut. Hij staat in de buitenste kring om het plein. Als we voorbij de eerste huisjes zijn, stapt een figuur uit de schaduw. “I’m glad you’re safe back home.” “you frightened me.” “I’m sorry…” “just wait here, I gotta put these two in bed.” ik neem mijn broertjes de hut in en leg ze in bed. Voorzichtig leg ik het dekentje over hen heen, terwijl ik zacht neurie. Hun ogen zakken al snel dicht en hun ademhaling toont aan dat ze slapen. Stil loop ik naar de deuropening, waar George staat te wachten. “I thought of going pick you up.” “come on! I do it for like three years like this. And I was 15 back then.” “but still. I mean. A girl, in the dessert…” “you think I’m really weak, don’t you?” “well…” hij krabt twijfelend op zijn hoofd. Ja dus. “well, I’m not.” “may I be worried, I’m sorry!” een tijdje blijft het stil. “come with me.” Niet-begrijpend kijk hij me aan. “just trust me. I’m not going to kill you.” Een glimlach verschijnt op zijn gezicht. We sneaken het dorp uit en naast elkaar lopen we over de lege vlakte. Ik merk dat hij nerveus is. “what’s wrong?” “isn’t this dangerous?” “what? Walking here, now? Yes it is, but not when you’re with me;)” Ik neem hem mee naar de oever van de rivier en laat mijn voeten in het water bungelen. Twijfelend gaat hij naast me zitten. Het is een heldere nacht en ik wijs naar de prachtige sterrenhemel. De sterren laten zijn ogen fonkelen. Lange tijd zitten we zo naast elkaar, tot ik iets in het water hoor. Razendsnel trek ik mijn voeten uit het water en schuif een stuk naar achter. George volgt mijn voorbeeld en kijkt me angstig aan. “relax. Just get up. It’s time to go back,” zeg ik om hem niet in paniek te laten raken. Deze mensen zijn echt niets gewend. Bij de poort splitsen we en gaan elk naar onze hut. Geruisloos kruip ik in mijn bed en val meteen in slaap.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen