Naledo heeft zich net voorgesteld en je kent de belangrijkste personen bij naam

erste Begegnung
Het regenseizoen is net afgelopen. De rivier stroomt weer normaal en de dieren komen terug. Ik pak mijn pijl en boog en verlaat het dorp. Mensen uit het dorp zeggen dat ik de beste ben met pijl en boog, dus geloof ik ze. Waarom zouden ze immers tegen me liegen? Ik loop over het warme zand. In de verte zie ik een paar giraffen lopen en aan het meertje drinken wat zebra’s. Plots duikt er een haas naast me op. Doodstil blijf ik staan en voorzichtig pak ik mijn boog. Ik leg aan, richt en schiet. Raak. Ik raap het dode dier op en ga snel terug naar het dorp. Onze hut staat aan de rand. Ik schiet naar binnen en zie dat er niemand thuis is. Achja, kan gebeuren. Ik hang de haas over een balk. Mijn moeder vindt hem zo wel. Als ik weer naar buiten stap, hoor ik vanaf het middenplein een hoop geroezemoes. Nieuwsgierig ga ik op het geluid af. Alle dorpelingen hebben zich verzameld, maar waarom? Behoedzaam als ik ben, verschuil ik me achter de boom waar dit dorp omheen is gebouwd. Ze zeggen dat onze voorvaderen hieronder begraven zijn. Mijn scherpe blik kijkt door de menigte heen. En wat ik zie, laat me schrikken. In een fits pak ik mijn boog en houd ik een pijl aangelegd. In het midden van de kring, staan 6 blanken. Blanken zijn onze grootste vijand, ik heb niets anders dan slecht over ze gehoord. En ik snap dus ook niet waarom iedereen zo opgewonden is. Uitvoerig bestudeer ik de blanke mannen. De één nog raarder dan de ander. Opeens krijgt Bomani me in het oog en rent naar me toe. Één van de mannen heeft het gezien. Zijn blik volgt mijn kleine broertje en blijft op mij rusten.

*Georg pov*
Het gekakel om ons heen blijft op hetzelfde volume: oorverdovend. Ik versta er niets van. Af en toe vertaalt onze gids wat in het Engels, maar dat maakt het niet veel beter. Plots rent er een jongetje door de menigte naar de rand van het plein. Nieuwsgierig volg ik hem. Bij de grote boom stopt hij. Mijn blik blijft op het meisje rusten, dat hij knuffelt. Haar grote ogen kijken me oplettend aan. Ik glimlach licht, maar krijg geen reactie terug. Enkel die starende blik, die mijn ogen niet loslaat. Koppig als ik ben, wil ik mijn ogen niet als eerste afwenden en dus blijf ik terugkijken. Als de menigte wat uiteenvalt, worden we naar onze hutten gebracht. Nog steeds staat ze verscholen achter de boom naar ons te kijken. Zonder mijn blik af te wenden tik ik de gids aan. “spreekt ze Engels?” “wie?” “zij.” “ja, ook al is het gebrekkig, maar ze is de enige van het dorp.” Ik knik. De gids loopt achter de jongens aan. Voorzichtig loop ik richting de grote boom. Als ik dichterbij kom, loopt ze met me mee achteruit. “hi, I’m George.” Geen reactie. “what’s your name?” “Naledo.” Zacht, maar hoorbaar. Onzeker, maar scherp. Ze laat me niet dichter dan 5 meter komen en zet weer een stap naar achter. “don’t be scared.” De boog in haar hand is aangespannen, alsof ze elk moment gaat schieten. Het geeft me de kriebels. Opeens hoor ik achter me snelle voetstappen en staat Gustav achter me. “je moet je bed nu kaar gaan maken, anders is het straks te donker.” Ik draai me om naar Naledo, maar ze is verdwenen. Achter Gustav aan loop ik naar onze hut, nog eens draai ik me om, maar zie haar echt niet meer. In de hut hebben Bill en Tom zich al op hun bed gelegd. Ook de gids, Tobi en een medewerker van ‘Save the Children’ hebben hun bed klaargemaakt. Snel ga ik ook aan de slag, met in mijn achterhoofd Naledo. Dat vreemde meisje, dat me nu al zo fascineert.

Reageer (1)

  • JonnaxGustav

    Leuke nieuwe quiz.(Y)
    snel verder:D

    Xx

    1 decennium geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen